De relatie tussen de IK BEN Aanwezigheid en de ziel

 

ONDERWERPEN: de IK BEN Aanwezigheid is een concept om de mensen te helpen een band te krijgen met het spirituele rijk – de Bewuste Jij heeft vrije wil en kan de band met zijn bron ontkennen – de Bewuste Jij handelt op basis van zijn identiteitsgevoel – de Bewuste Jij is een van zichzelf bewust wezen – hij kan op zichzelf leren staan, in zijn eigen onderhoud voorzien, maar alleen door het Christusewustzijn en de ascensie

Vraag: Geliefde Jezus, ik heb een paar vragen over de relatie tussen de IK BEN Aanwezigheid en de ziel. Veel mensen zijn zich er tegenwoordig van bewust dat zij spirituele wezens zijn en accepteren dat; ik denk echter dat de meesten zich niet realiseren dat zij eigenlijk een schepping en verlengstuk zijn van een IK BEN Aanwezigheid en niet rechtstreeks een schepping van God. Zou je kunnen stellen dat wij mensen eigenlijk geen spirituele wezens zijn, of liever dat we geen hele spirituele wezens zijn, maar slechts een onderdeel van een ander spiritueel wezen en dat wij enkel dat deel blijven totdat we het Christusbewustzijn bereiken? Lange tijd heb ik geloofd dat mijn ware spirituele identiteit, de identiteit was die ik vergat toen ik afdaalde naar het materiële rijk, namelijk mijn IK BEN Aanwezigheid. Ik begin nu te denken dat mijn IK BEN Aanwezigheid in feite niet mijn ware identiteit is. Mijn ware identiteit is de identiteit van mijn ziel die een spiritueel wezen is, die op zichzelf staat, van zichzelf gewaar en één met God is. Zou het niet juist om te stellen dat ik in zekere zin gescheiden ben van mijn IK BEN Aanwezigheid, althans ten opzichte van mijn individualiteit?

Wanneer de aardse tijd van leven van een ziel eindigt en de ziel tijdelijk terugkeert naar het spirituele rijk, in afwachting van reïncarnatie, wat is dan de relatie tussen de ziel en de IK BEN Aanwezigheid? Ik neem aan dat de ziel een geïndividualiseerd verlengstuk blijft van de Aanwezigheid, ook al is die niet geïncarneerd. Komen de ziel en de IK BEN Aanwezigheid bij elkaar en spreken ze bij wijze van spreken, van aangezicht tot aangezicht met elkaar? En wat gebeurt er wanneer de ziel volledig Christusbewustzijn bereikt? Kan de ziel in een bepaald opzicht haar IK BEN Aanwezigheid van zich afschudden en zelf een IK BEN Aanwezigheid worden, met het vermogen om zelf zielen te scheppen?

Antwoord van Geascendeerde Meester Jezus:

Laat mij de punten die jij opwerpt, bespreken:

Veel mensen zijn zich er tegenwoordig van bewust dat zij spirituele wezens zijn en accepteren dat; ik denk echter dat de meesten zich niet realiseren dat zij eigenlijk een schepping en verlengstuk zijn van een IK BEN Aanwezigheid en niet rechtstreeks een schepping van God.

Dat is waar. Maar de waarde van het feit dat je weet dat je niet direct geschapen bent door de hoogste expressie van God, is dat het de Bewuste Jij gemakkelijker maakt om een gevoel van verbinding en één zijn met het spirituele wezen te ervaren dat direct boven jou in de spirituele hiërarchie staat. Met andere woorden, alle spirituele wezens zijn onderdeel van een hiërarchie die helemaal teruggaat tot God. Hoewel deze hiërarchie uit talloze individuele wezens bestaat, zijn ze niet van God gescheiden. Het zijn individualisaties en verlengstukken van God, maar vormen een hiërarchie die uit veel lagen bestaat. Voor jouw levensstroom is het dus veel gemakkelijker een band te krijgen met de IK BEN Aanwezigheid uit wie jij rechtstreeks bent ontstaan dan met de hoogste manifestatie van God die vele lagen boven jou zou kunnen liggen.

Dit is de reden dat de geascendeerde meesters het concept IK BEN Aanwezigheid hebben bedacht. Wanneer je bedenkt dat woorden lineair zijn en de spirituele wereld sferisch (bolvormig), dan zie je dat er altijd een inherent gevaar aanwezig is, welk concept wij ook gebruiken om de spirituele realiteit te beschrijven. Als mensen onze beschrijving letterlijk nemen, kan die beschrijving een hindernis vormen voor het inzicht van de mensen in plaats van een hulpmiddel.

Mijn punt is dat het concept IK BEN Aanwezigheid precies is wat het is: een concept. Het is een manier om het spirituele wezen te beschrijven waaruit jouw ziel tot leven kwam. Het is niet de enige manier en het is geen absoluut en onveranderlijk concept. Je zou ook kunnen zeggen dat je IK BEN Aanwezigheid een spiritueel wezen is. Je bent dus een verlengstuk van, een individualisatie van, een spiritueel wezen.

Het probleem met dit concept is dat de meeste mensen het moeilijk vinden om te accepteren dat zij een verlengstuk van een onsterfelijk spiritueel wezen zijn vanwege de intense afgoderij die God en mij al duizenden jaren omringt. Dit is de reden dat de geascendeerde meesters het concept IK BEN Aanwezigheid hebben gegeven als een neutrale manier om mensen te helpen een band te krijgen met een wezen in het spirituele rijk. Er zijn bijvoorbeeld tegenwoordig mensen geïncarneerd van wie de ziel uit een spiritueel wezen dat we een IK BEN Aanwezigheid zouden kunnen noemen, werd geschapen die de status van aartsengel heeft. Maar hoeveel mensen kunnen accepteren dat zij een verlengstuk zijn van een aartsengel? Hoeveel mensen zouden kunnen accepteren dat zij een verlengstuk zijn van een geascendeerde meester zoals ik of Moeder Maria?

Zou je kunnen stellen dat wij mensen eigenlijk geen spirituele wezens zijn, of liever dat we geen hele spirituele wezens zijn, maar slechts een onderdeel van een ander spiritueel wezen en dat wij enkel dat deel blijven totdat we het Christusbewustzijn bereiken?

Dat is correct en je hebt het heel welsprekend uitgedrukt. Hoewel er aan toegevoegd moet worden dat de Bewuste Jij, omdat hij vrije wil heeft, het potentieel heeft om zich af te scheiden van het spirituele wezen uit wie hij werd geschapen en daarom zichzelf begint te zien als een wezen dat gescheiden is van dat spirituele wezen.

Je zou kunnen zeggen dat vanwege de vrije wil het potentieel bestaat van een splitsing in het zelfbeeld van de Bewuste Jij en zijn realiteitszin. Niets kan echter het feit veranderen dat de Bewuste Jij oorspronkelijk een individualisatie van een spiritueel wezen was. Op het niveau van het zelfbewustzijn en identiteitsgevoel van de Bewuste Jij, kan de Bewuste Jij echter tijdelijk zijn eigen realiteit vormen. Omdat de Bewuste Jij vrije wil heeft, handelt hij in overeenstemming met hoe hij zijn eigen identiteit waarneemt. Met andere woorden, als de Bewuste Jij zijn spirituele bron ontkent, handelt de Bewuste Jij niet meer als verlengstuk van die bron. Hij heeft echter het potentieel om het pad naar Christusbewustzijn te bewandelen en opnieuw contact met zijn bron te maken.

Dit lijkt op mijn parabel over de verloren zoon (Lucas 15: 10). De zoon was verdwaald in een vreemd land, dus de vader wist niet of de zoon nog in leven was. Hij wist niet eens meer of hij nog een zoon had en had geen garantie dat de zoon ooit terug zou keren. Je zou kunnen zeggen dat de zoon een tijdje deed alsof hij geen vader had.

Lange tijd heb ik geloofd dat mijn ware spirituele identiteit, de identiteit was die ik vergat toen ik afdaalde naar het materiële rijk, namelijk mijn IK BEN Aanwezigheid. Ik begin nu te denken dat mijn IK BEN Aanwezigheid in feite niet mijn ware identiteit is.

Hier lopen we aan tegen de beperkingen van woorden. In zekere zin is het correct wat je zegt omdat de Bewuste Jij, zoals ik net zei, is wie hij denkt dat hij is. Jr kunt ook zeggen dat de Bewuste Jij een identiteitsgevoel heeft dat los van je IK BEN Aanwezigheid staat. Daarom kun je ervoor kiezen om een identiteitsgevoel op te bouwen dat jij een onsterfelijk wezen bent in plaats van een individualisatie van een spiritueel wezen.

Aan de andere kant heeft de Bewuste Jij geen inherente individualiteit; hij is een verlengstuk van de individualiteit van jouw IK BEN Aanwezigheid. Je ware spirituele individualiteit wordt permanent verankerd en bewaard in jouw Aanwezigheid tot jij  volledig Christusbewustzijn bereikt. Met andere woorden, zelfs wanneer de Bewuste Jij tot een lagere bewustzijnsstaat vervalt, gaat jouw individualiteit niet verloren en wordt jouw individualiteit niet voorgoed veranderd. Wanneer je contact krijgt met jouw Christuszelf, kun jij weer contact maken met je ware individualiteit en dan kun je beginnen die verder op te bouwen met je ervaringen in het materiële rijk als basis.

Mijn punt is dat de Bewuste Jij als verlengstuk van de IK BEN Aanwezigheid werd geschapen en naar de wereld gezonden met de opdracht om zich te vermenigvuldigen en de heerschappij te nemen. Het is de bedoeling dat je de heerschappij neemt over jouw eigen zelfgevoel, over jouw fysieke lichaam en dagelijkse gedachten en je persoonlijke omstandigheden. Het is de bedoeling dat jij die heerschappij dan gebruikt om jouw talenten te vermenigvuldigen, om de individualiteit die jij hebt gekregen, te vermenigvuldigen, zodat je meer wordt dan toen jij werd geschapen door jouw IK BEN Aanwezigheid.

Mijn ware identiteit is de identiteit van mijn ziel die een spiritueel wezen is, die op zichzelf staat, van zichzelf gewaar is en één met God is.

Je stelling is juist voor een levensstroom die het Christusbewustzijn heeft bereikt. Totdat je het Christusbewustzijn bereikt, is je levensstroom geen echt spiritueel wezen. De Bewuste Jij staat niet op zichzelf en zal zich pas compleet voelen als hij weer contact heeft gekregen met de IK BEN Aanwezigheid. De Bewuste Jij is zich van zichzelf gewaar, maar heeft geen volledig of echt zelfbewustzijn. Daarom kan hij zichzelf niet zien als een verlengstuk van een hiërarchie van spirituele wezens die helemaal teruggaat tot God.

Zou het niet juist om te stellen dat ik in zekere zin gescheiden ben van mijn IK BEN Aanwezigheid, althans ten opzichte van mijn individualiteit?

Opnieuw kunnen lineaire woorden  de situatie niet geheel beschrijven. Laat ik het proberen met een metafoor.

Een echtpaar gaat naar het strand met hun kind. Ze spreiden een deken uit en nadat ze de lunch hebben gegeten, begint het kind uit de buurt van de ouders te gaan en tenslotte zit hij ergens in het zand dicht bij de waterlijn. Het kind is een individueel menselijk wezen, het kind is echter niet gescheiden van zijn ouders en zou zonder zijn ouders niet kunnen overleven. Het kind heeft niet het gevoel dat hij van zijn ouders gescheiden is omdat hij, ook al zit hij op enige afstand van hen, wel weet dat ze er zijn wanneer hij hen nodig heeft. Dus ook al is het kind een gescheiden menselijk wezen, hij voelt zich niet van zijn ouders gescheiden.

Stel je nu voor dat het kind zo opging in het spelen met zand dat hij zijn ouders een paar minuten vergat. Toen hij opkeek, ontdekte hij dat de ouders waren weggegaan en nergens te zien waren. Op dat moment zou het kind een op angst gebaseerd gevoel kunnen krijgen dat hij van zijn ouders gescheiden is. Maar als de ouders niet waren weggegaan, zou het kind dit gevoel van gescheidenheid nooit hebben ontwikkeld.

Het is ook de bedoeling dat de Bewuste Jij naar de materiële wereld gaat zonder ooit een op angst gebaseerd gevoel van gescheidenheid van zijn spirituele bron te ontwikkelen. Het is de bedoeling dat hij door het materiële universum zwerft in de wetenschap dat zijn IK BEN Aanwezigheid er altijd voor hem is. De natuurlijke gang van zaken is dat de Bewuste Jij zijn kinderlijke onschuld behoudt en hierop vertrouwt tot hij geleidelijk aan een volwassen gevoel van zelfbewustzijn bereikt dat hem in staat stelt om echt een zelfbewust, zelfstandig spiritueel wezen te worden. Dit noem ik volledig Christusbewustzijn. In andere religies heeft het anders, zoals verlichting.

Het gevoel dat je gescheiden van de IK BEN Aanwezigheid bent, krijgt de Bewuste Jij wanneer hij zich met zijn vierdelige voertuig vereenzelvigt dat hij heeft gevormd met het dualiteitsbewustzijn, zoals ik in een ander antwoord uitleg.

Wanneer de aardse tijd van leven van een ziel eindigt en de ziel tijdelijk terugkeert naar het spirituele rijk, in afwachting van reïncarnatie, wat is dan de relatie tussen de ziel en de IK BEN Aanwezigheid? Ik neem aan dat de ziel een geïndividualiseerd verlengstuk blijft van de Aanwezigheid, ook al is die niet geïncarneerd. Komen de ziel en de IK BEN Aanwezigheid bij elkaar en spreken ze bij wijze van spreken, van aangezicht tot aangezicht met elkaar?

Dit hangt helemaal af van de bewustzijnsstaat van jouw vierdelige voertuig en in hoeverre de Bewuste Jij zich met het voertuig van de ziel vereenzelvigt. De meeste mensen op aarde zijn tot zo’n lage bewustzijnsstaat vervallen dat ze het contact met en de herinnering aan hun IK BEN Aanwezigheid zijn kwijtgeraakt. Als de Bewuste Jij zich heel erg heeft vereenzelvigd met het vierdelige voertuig als hij excarneert, dan kan hij gewoon niet hoog genoeg reiken om te communiceren met de IK BEN Aanwezigheid. Een paar levensstromen gaan naar de etherische retraites waar ze hulp krijgen van spirituele leraren, zoals ik elders uitleg.

Maar het is waar dat de meeste levensstromen tussen incarnaties in een groter bewustzijnsgevoel hebben dan in een fysiek lichaam. De Bewuste Jij wordt niet meer beperkt door het vierdelige voertuig of je dagelijkse gedachten en het brein, die een product zijn van je fysieke lichaam. Daarom hebben veel levensstromen wel een hoger bewustzijnsgevoel en meer inzicht dan toen ze geïncarneerd waren. Het lijkt op het verschil tussen kijken naar het landschap vanuit een huis waar je maar door één raam kunt kijken en op het dak van dat huis staan waardoor je een panoramisch uitzicht hebt.

En wat gebeurt er wanneer de ziel volledig Christusbewustzijn bereikt? Kan de ziel in een bepaald opzicht haar IK BEN Aanwezigheid van zich afschudden en zelf een IK BEN Aanwezigheid worden, met het vermogen om zelf eigen zielen te scheppen?

Wanneer de Bewuste Jij volledig Christusbewustzijn krijgt, wordt hij een zelfstandig spiritueel wezen dat rechtstreeks uit zichzelf licht straalt. Met andere woorden, voor de Bewuste Jij het Christusbewustzijn bereikt, kan hij alleen maar bestaan als hij rechtstreeks spirituele energie van de IK BEN Aanwezigheid ontvangt. Die energie is natuurlijk Gods licht en wordt niet door de IK BEN Aanwezigheid gemaakt. De IK BEN Aanwezigheid is gewoon de geleider door wie het licht van God uit de universele bron stroomt. Omdat de Bewuste Jij zichzelf nog niet kan onderhouden, kan hij het licht niet rechtstreeks uit zijn bron opnemen. Daarom moet hij dat licht van de Aanwezigheid ontvangen.

Wanneer de Bewuste Jij volledig Christusbewustzijn bereikt, beseft hij dat hij, omdat hij een verlengstuk is van de IK BEN Aanwezigheid en omdat de IK BEN Aanwezigheid een verlengstuk is van de universele bron, de Bewuste Jij het licht van God rechtstreeks kan oproepen uit de bron. Op dat moment wordt hij een onsterfelijk spiritueel wezen, precies zoals zijn IK BEN Aanwezigheid een onsterfelijk spiritueel wezen is. Het onsterfelijk geworden of geascendeerde wezen kan dan een Bewuste Jij uit zichzelf vormen.

Dit betekent niet dat de Bewuste Jij technisch gezien zijn IK BEN Aanwezigheid kan afschudden. Het betekent dat de Bewuste Jij een spiritueel wezen wordt in de keten van de hiërarchie en dat de IK BEN Aanwezigheid direct boven de Bewuste Jij in die hiërarchie staat.

Probeer altijd het verschil te onthouden tussen iets met je wereldlijke gedachten proberen te begrijpen en iets begrijpen met de multidimensionale geest van Christus. De echte sleutel om deze dingen te begrijpen, is die geest in jou laten zijn die ook in mij was. Je zult dan in staat zijn om iets te begrijpen en te internaliseren wat niet adequaat in woorden kan worden vervat.