Geascendeerde Meester Saint Germain, 8 maart 2026 – Litouwen
Ik ben de geascendeerde meester Saint Germain, en ik wil jullie graag een aantal praktische suggesties geven over hoe je het verschil kunt maken in een turbulente wereld.
Te veel informatie
Een van de problemen waar veel mensen tegenwoordig tegenaan lopen, is dat ze overspoeld worden met zoveel informatie dat hun geest erdoor in de war raakt en ze niet meer weten waar ze zich op moet concentreren. Als eerste raad ik aan dat je let op je eigen reactie op de informatie die op je afkomt via de kanalen waar jij informatie en nieuws vandaan haalt. Let op de manier waarop die je verschillende kanten optrekt, je aandacht verspreidt en je overdondert. Heel veel mensen op de wereld worden tegenwoordig bij wijze van spreken overdonderd door alle informatie; overweldigd door al het slechte nieuws.
Ik raad je aan om één of enkele onderwerpen te kiezen die jij belangrijk vindt en je vervolgens te richten op het nieuws over die onderwerpen en de rest gewoon te negeren. Je hoeft niet alles te weten wat er op een bepaald moment op de wereld gebeurt. Het is voldoende dat jij je richt op de onderwerpen die voor jou belangrijk zijn. Verdiep je vervolgens in deze onderwerpen, zodat je betere oproepen in je invocaties en decreten kunt formuleren. We hebben al vaker gezegd dat je een paar onderwerpen moet kiezen en je daarin verdiepen. Als er een bepaald terrein is waar jij ervaring en expertise in hebt, kun jij je eigen oproepen samenstellen op basis van de modellen die wij hebben. Je kunt je eigen coupletten schrijven tussen de coupletten van de decreten. Er zullen ook nog andere decreten verschijnen die je kunt aanpassen aan specifieke onderwerpen.
Christusschap betekent niet dat je alles weet
Laten we het daarnaast hebben over Christusschap. Christusschap wordt zelfs door mensen die het concept kennen, vaak gezien als iets onrealistisch hoogstaands, een hoge bewustzijnsstaat. Je bent geneigd te denken dat de Christusgeest alles weet en dat klopt natuurlijk ook wel; de Christusgeest ziet alles. Maar jij bent niet de volledige Christusgeest en daarom wordt er niet van je verwacht dat jij je van alles bewust bent. Dus hoewel Jezus sprak over het uiten van je Christusschap en de Christusgeest door je heen laten stromen, is het niet constructief om te denken dat je de Christusgeest over elk onderwerp zou moeten kunnen laten spreken.
Er zijn zeker studenten van geascendeerde meesters die denken dat als je een gesponsorde boodschapper hebt die een mantel van de geascendeerde meesters heeft, je dan via die boodschapper over elk onderwerp zou moeten kunnen spreken. Maar dit is geen realistische verwachting. In jouw geval kun je zeggen dat je een bewustzijnsniveau hebt bereikt waarop de Christusgeest door je heen kan stromen, maar wat er van de Christusgeest komt, is een bewustzijnsstroom, geen woorden.
Hoe een dictaat wordt gegeven
Terwijl ik deze verhandeling geef, sta ik niet in een hogere dimensie naar de boodschapper te schreeuwen: “IK BEN de geascendeerde meester Saint Germain, herhaal dit.” Ik laat een stroom van mijn bewustzijn naar de boodschapper stromen, door de Bewuste Jij van de boodschapper, naar het identiteitslichaam, het mentale lichaam, het emotionele lichaam en het fysieke lichaam. En in de vier lagere lichamen van de boodschapper wordt de bewustzijnsstroom vertaald in woorden. Met andere woorden, hij hoort geen woorden en ziet ze ook niet in vlammende letters op de achterkant van zijn oogleden staan en herhaalt ze vervolgens. Zou ik een identieke bewustzijnsstroom naar de geest van een andere, tot boodschapper opgeleide persoon kunnen sturen? Natuurlijk zou dat kunnen. Zou dat precies dezelfde boodschap zijn? Nee, want de woorden zouden van persoon tot persoon verschillen. Zelfs als we zouden zeggen dat hier twee opgeleide boodschappers staan en ze allebei dezelfde bewustzijnsstroom van mij ontvangen, zouden de woorden niet identiek zijn, want zoals ik zei, wordt niet op mijn niveau bepaald wat de woorden zijn. De bewustzijnsstroom is het onderwerp, de concepten, maar de exacte woorden worden niet op mijn niveau bepaald. De bewustzijnsstroom wordt in woorden omgezet in het bewustzijn van de boodschapper. Dat ik dit zeg, zou sommige studenten uit eerdere dispensaties kunnen beledigen, maar het zou de boodschappers uit eerdere dispensaties niet beledigen, want zij hebben precies ervaren wat ik zeg.
Dit betekent overigens niet dat de woorden volledig gekleurd zijn door het bewustzijn van de boodschapper, want in dat geval zou een dictaat van Jezus hetzelfde klinken als een dictaat van mij en ik gebruik natuurlijk bepaalde uitdrukkingen, bepaalde maniertjes en bepaalde woordkeuzes. De boodschapper is voldoende afgestemd op mijn bewustzijnsstroom om deze te kunnen uitspreken en daardoor kan hij een dictaat op een andere manier uitspreken dan hij normaal zou doen.
Maar mijn punt met dit lange betoog is jou te laten zien dat de Christusgeest op dezelfde manier door jou heen stroomt. En wat betekent dat? Dat er een bepaalde structuur in jouw identiteit, jouw mentale en emotionele gedachten moet zijn die de bewustzijnsstroom kan activeren, zodat die in woorden worden vertaald. En daarom kan ik, als de boodschapper niets van een bepaald onderwerp afweet, geen samenhangend dictaat over dat onderwerp via hem geven. Hersenchirurgie is geen hobby van deze boodschapper. En dat geldt natuurlijk ook voor jullie.
Realistische verwachtingen van de uitdrukkingsvorm van jouw Christusschap
Ik geef jullie deze lering omdat ik wil dat jullie realistische, constructieve verwachtingen hebben van jullie manier om Christusschap te uiten. Veel studenten in vroegere dispensaties hadden vergezochte, onrealistische visies op wat het betekent om de Levende Christus te zijn. Ze denken dat je alwetend bent, dat je over elk onderwerp zou moeten kunnen praten. Nu zit er natuurlijk wel verschil tussen het dictaat dat je nu hoort en gewoon spreken, maar de Christus stroomt wel door je heen en dit is een belangrijk onderscheid, want de Levende Christus zijn betekent niet dat je, telkens wanneer jij je mond opent, een dictaat van een geascendeerde meester opneemt. Het kan heel goed zijn dat je een persoonlijke relatie hebt met een bepaalde geascendeerde meester, zodat de bewustzijnsstroom van die meester door je heen stroomt, wanneer jij je mond opent, maar het is geen rechtstreeks dictaat. En de reden dat dit belangrijk is, is dat het belangrijk is dat je, wanneer je spreekt, accepteert dat jouw woorden persoonlijk zijn.
Je kunt een video van dit dictaat opnemen en bekijken. Je zult een bepaalde uitdrukkingsvorm, een bepaalde woordkeuze en een bepaalde manier van doen zien. Je kunt een van de YouTube-video’s van de boodschapper bekijken en dan zie je dat die anders is wanneer hij als persoon spreekt, en dat geldt ook voor jou. Waarom is dit belangrijk? Wanneer een boodschapper een YouTube-video maakt, zoals Kim een YouTube-video maakt – dan hij is niet de boodschapper wanneer hij een YouTube-video opneemt, maar hij deelt zijn persoonlijke ervaringen. En waarom is dat belangrijk? Omdat mensen zich dan gemakkelijker in hem kunnen inleven.
Ze kunnen gemakkelijker met jou als persoon omgaan dan met mij als geascendeerde meester, en een aspect van de Christusgeest is, zoals we hebben gezegd, dat de Christusgeest zich op het laagst mogelijke bewustzijnsniveau op aarde bevindt en klaar is om iets uit te drukken dat iemand op dat niveau kan helpen om een illusie te zien en de volgende stap te zetten.
Van je fouten pluspunten maken
Dat betekent dat we nu te maken hebben met een andere misvatting die vaak voorkomt bij spirituele mensen, zelfs bij christenen en studenten van geascendeerde meesters, namelijk dat je om de Christus te zijn geen slechte dingen in je leven mag hebben gedaan. Je had perfect moeten zijn vanaf het moment dat je geboren bent en als ze in reïncarnatie geloven, dan zeggen ze misschien wel dat je al vele levens een hoog bewustzijnsniveau moet hebben gehad.
Maar wat wil de Christus? Hij wil iedereen bereiken, en mensen bevinden zich op verschillende bewustzijnsniveaus; ze hebben verschillende achtergronden, verschillende ervaringen. Ik kijk naar ieder van jullie, ik kijk naar jullie levensgeschiedenis. Ik oordeel of veroordeel niet wat jullie vroeger hebben gedaan, want ik zie het als een kans om mensen in een vergelijkbare situatie te bereiken. Jouw fouten, jouw problemen, verandert Christus in pluspunten. Niets wat je hebt gedaan, was tevergeefs, niets wat je hebt gedaan, was een vergissing. Het was een manier om je ervaringen te geven die je konden helpen om psychische problemen op te lossen, maar wanneer je die problemen hebt opgelost, is het een kans voor de Christusgeest om door jou heen te stromen en andere mensen te helpen.
Ik ben een geascendeerde meester. In zekere zin kan ik alles zien wat er op aarde gebeurt, maar als geascendeerde meester kan ik niet in het hoofd van een niet-geascendeerd persoon gaan en ervaren wat zij vanbinnen ervaren. Ik ben lang geleden geascendeerd. Er zijn natuurlijk wel parallellen met wat ik heb ervaren in mijn psyche, maar de wereld was toen in zekere zin veel eenvoudiger. Ik kan me niet inleven in wat veel mensen tegenwoordig meemaken en daarom kunnen zij zich ook niet in mij inleven. Maar jij, die hetzelfde in dit leven hebt meegemaakt, kunt je wel in hen inleven en zij kunnen zich in jou inleven. Welke ervaringen je ook hebt gehad, wanneer je de Christusgeest erdoorheen laat stromen, wordt het een pluspunt om anderen te helpen. Dit vereist natuurlijk dat je er openlijk over wilt praten en daarvoor moet je het zelf dat iets als een fout zag of ziet, het zelf dat jou veroordeelt, opruimen.
Een norm projecteren op de Christus
Wat hebben andere meesters tijdens deze conferentie geprobeerd te zeggen? Alles wat je op aarde tegenkomt, wat is dat? [Publiek: Een ervaring]. Ik ben blij dat sommigen van jullie wakker zijn of de afgelopen twee dagen wakker zijn geweest. Het is een ervaring, die is noch goed noch slecht. Het is geen fout, want zelfs in de dualiteit en gescheidenheid is het noch goed noch slecht, het is gewoon een ervaring. Want wat is de bedoeling van een niet-geascendeerde sfeer? Groeien in bewustzijn, de transcendentie van het zelf. Hoe groei je in bewustzijn? Door ervaringen te krijgen en elke ervaring kan worden gebruikt om te groeien in bewustzijn. Het gaat erom dat je die verwerkt. De gevallen wezens hebben zoals we al zo vaak hebben gezegd, op aarde een norm gesteld waaraan je moet voldoen. Er is een norm voor hoe je een goede communist bent, een goede Amerikaan, een goede Fransman, een goede Brit (je moet geestig zijn). En er is een norm voor wat het betekent om een goede christen te zijn, een goede boeddhist, een goede moslim, een goede hindoe. O ja, en een goede Christus.
De gevallen wezens die gevangenzitten in het bewustzijn van de antichrist, verblind zijn door dat bewustzijn, hebben de arrogantie om te geloven dat zij een maatstaf kunnen stellen voor wat het betekent om de Levende Christus te zijn en hoe de Levende Christus zich op deze wereld zou moeten uitdrukken. En iedereen die op deze planeet incarneert, wordt door die zeer agressieve denkwijze beïnvloed, ik ook toen ik was geïncarneerd. En ook Jezus, Moeder Maria, de Boeddha, moesten daarmee omgaan. Waarom? Wel, deels voor onze eigen groei, deels om aan te tonen dat je in een kribbe geboren kunt worden en toch van de aarde kunt ascenderen. Om aan te tonen dat jij, wat je ook meemaakt op de materiële wereld, dat kunt overstijgen; dat je het kunt transcenderen. Maar hoe doe je dat? Niet door jezelf te beoordelen volgens de maatstaven van de gevallen wezens, maar door te beseffen dat je een gescheiden zelf hebt gevormd om met die maatstaven om te gaan. En zodra je dit zelf hebt gemaakt, kunnen de gevallen wezens ontspannen, naar het strand gaan, een sigaar roken, want ze hoeven jou niet meer te veroordelen. Jij veroordeelt jezelf, je doet het werk voor hen.
En wanneer je dit ziet, kun je zeggen: “Hé, dit is belachelijk. Waarom doe ik dit?” En dan kan natuurlijk een deel van dat zelf zeggen: “O, je moet wel heel dom zijn om in deze leugen te trappen. Je moet wel dom zijn om jezelf te veroordelen.” En dan kun je afstand nemen en zeggen: “Waar komt dat vandaan? Is dat niet gewoon weer een onecht zelf?” En op den duur kom je zover dat je inziet dat het gewoon niet echt is. De gevallen wezens hebben geprobeerd een norm te projecteren op de Christus en hoe de Christus zich op deze wereld zou mogen manifesteren, maar zoals we vroeger al hebben gezegd, zoals Jezus heel zorgvuldig heeft uitgelegd, bestaat de rol van de Christus eruit dat hij zich nooit aanpast aan de normen en verwachtingen op deze wereld, maar daagt ze altijd uit, gaat verder, en daardoor de mensen uitdaagt om hun huidige overtuigingen, hun huidige mentale beelden, hun huidige zelfgevoel te transcenderen.
Het beter weten dan Christus
Veel mensen trappen echter in de val en denken vervolgens dat Christus hun eigen standpunten zou moeten bevestigen wanneer hij spreekt.
Dit deed Petrus in de situatie waarin Jezus zijn discipelen vroeg: “Wie zeggen de mensen dat Ik ben?” En Petrus zegt wanneer hij hen vertelt dat hij naar Jeruzalem moet gaan om vervolgd en gekruisigd te worden: “Dat zij verre van u, Heer”, omdat hij denkt dat hij het beter weet dan Christus. Hij denkt dat zijn beeld van wie Christus is en wat er wel of niet met Christus zou mogen gebeuren, het hoogst mogelijke beeld is. En daarom meent hij dat hij het recht heeft om Jezus te corrigeren en hem te vertellen hoe hij de Christus zou moeten zijn. In wezen probeerde Petrus, die niet het niveau van Christusschap bezat, Jezus te vertellen wat Jezus als de Christus zou moeten zijn, hoe hij zijn Christusschap zou moeten uitdrukken. Dat is in essentie het bewustzijn van de gevallen wezens, ook een aspect van het dualiteitsbewustzijn dat niet gevallen is, maar wel gelooft dat hij vanuit de staat van gescheidenheid mag projecteren hoe de wereld werkt.
Hij kan zelfs projecteren hoe iets wat niet meer gescheiden is, zich zou moeten gedragen of spreken, want zoals we hebben gezegd, wanneer je in een staat van gescheidenheid verkeert, voelt het ego zich onzeker en probeert die onzekerheid te verbergen door gelijk te hebben. Daarom formuleert hij dualistische standpunten en zegt hij: “Het communisme is de allerbeste filosofie, het christendom is de enig ware religie, het wetenschappelijk materialisme is het enige feit” en vervolgens zoekt hij alleen maar naar bevestiging van die overtuigingen. Maar de meesten van jullie staan op het punt om dit te doorbreken en alle vaste overtuigingen op te geven. Als je wilt, kun je letterlijk naar jezelf kijken en zeggen: “Welke overtuigingen, welke mentale beelden heb ik waarvan ik denk dat ze waar zijn, accuraat zijn, feiten zijn, echt zijn, hoe je ze ook bekijkt? Wat durf ik niet te betwijfelen? Waar zou ik een negatief gevoel over krijgen als die overtuiging niet bevestigd zou worden, maar bedreigd of zelfs onjuist zou blijken? Hoe zou ik me voelen als mijn overtuiging dat de aarde plat is, onjuist zou blijken te zijn?” Ik vertrouw erop dat niemand van jullie dit gelooft, maar als voorbeeld: “Hoe zou ik me voelen?” Dan kun je beseffen dat die overtuiging je gevangenhoudt op een bepaald bewustzijnsniveau, maar je er ook van weerhoudt om de open deur voor Christus te zijn.
Begrijp je wat ik net heb gezegd? Je moet een structuur in je hoofd hebben, toch? Je zegt dan bijvoorbeeld: “Ik ben een kernfysicus. Ik geloof in de interpretatie van de kwantumfysica dat er meer werelden zijn. Elke keer dat iemand een beslissing neemt, ontstaat er een heel nieuw universum, waarin zowel de ene als de andere optie wordt gekozen. Daarom bestaan er ontelbare versies van het universum tegelijk.” Nu ben je aan het groeien, ben je dichter bij Christusschap, je begint een bepaalde flow te voelen en misschien kan de Christusgeest ook op andere terreinen waarop je neutraal bent, door je heen stromen omdat je dan geen bevestiging zoekt voor een bepaalde overtuiging. Maar als het om kernfysica gaat, waar jij juist de meeste expertise in hebt, kan de Christusgeest niet stromen omdat je alleen maar op zoek bent naar bevestiging van de interpretatie dat er meer werelden zijn en niet openstaat voor andere mogelijkheden. Dit kun je bij jezelf onderzoeken en je kunt zover komen dat je dit begint te zien. Dat velen van jullie bijna de open deur zijn, maar aan één of enkele overtuigingen zo sterk gehecht zijn dat de Christus niet vrij kan stromen, of misschien helemaal niet kan stromen op een bepaald gebied.
Stel je open voor de Gouden Eeuw van Saint Germain
Je ziet wat ik al zo vaak heb gezegd over mijn Gouden Eeuw. De Gouden Eeuw die ik voor ogen heb, gaat veel verder dan de huidige omstandigheden. Dat betekent dat er vrijwel niets op aarde onveranderd zou blijven als je mijn hoogste visie op de Gouden Eeuw vergelijkt met de huidige tijd, als we de allerhoogste visie zouden verwezenlijken. Er zouden een paar bergen zijn, de oceanen, maar zeker geen enkel aspect van de menselijke kennis zou onveranderd blijven wanneer de Gouden Eeuw aanbreekt. Dat betekent dat, welke kennis je ook bezit – misschien ben je wel kernfysicus, misschien heb jij je hele leven kernfysica gestudeerd, misschien heb je geëxperimenteerd, misschien heb je de deeltjesversneller bij CERN bediend, en misschien heb je het gevoel dat je tot de top van je vakgebied behoort, maar niets van de kennis die je vandaag hebt, zou in de Gouden Eeuw van waarde worden beschouwd. Natuurkundigen of hoe we ze ook zouden moeten noemen, zouden niet eens natuurkundigen genoemd worden; ze zouden een totaal ander wereldbeeld hebben.
En hoe zou dat wereldbeeld in het bewustzijn van mensen kunnen worden gebracht? Iemand moet het ontvangen van de Christusgeest, uit mijn geest, de stroom door mijn geest. Maar om het te kunnen ontvangen, moet er ruimte in de herberg zijn om de Christus geboren te laten worden. Er moet openheid zijn om een idee te ontvangen en als je gehecht bent aan de bevestiging van een bepaalde theorie, overtuiging of wereldbeeld, dan ben je niet de open deur. Ik moet iemand anders proberen te vinden. Maar kan ik iemand vinden met dezelfde expertise, ervaring en achtergrond als jij? In sommige gevallen wel, in andere niet, maar dat is niet eens het punt. Het punt is: wat heb jij in jouw Goddelijke plan gezet als bijdrage die je wilt leveren aan de verwezenlijking van mijn Gouden Eeuw?
Ik kan je garanderen dat je bij het maken van je Goddelijke plan niet hebt gezegd: “Ik wil incarneren en ik wil dat Saint Germain deze overtuiging bevestigt.” Je hebt gezegd: “Ik wil de open deur zijn voor Saint Germain om nieuwe ideeën naar voren te brengen en ik zie dat ik aan bepaalde overtuigingen uit vorige levens gehecht ben. Ik moet mezelf dus in een situatie plaatsen waarin die overtuigingen worden uitgedaagd, zodat ik de grootste kans krijg om ze los te laten en die open deur te kunnen zijn.”
Schiet op! Open de deur! Stel je gedachten open! Vertel me niet hoe ik mijn Gouden Eeuw moet manifesteren. Als je een Gouden Eeuw wilt manifesteren, raad ik je aan om te ascenderen en een niet-geascendeerde planeet te vinden waar je de komende tweeduizend jaar de hiërarch van kunt zijn. Daar heb ik geen probleem mee. Maar je beseft toch wel dat je niet geascendeerd bent, dus wees niet zoals Petrus. Ik ben niet zo dramatisch als Jezus, ik wil niet zeggen: “Ga weg…” en je kent de rest wel.
De inwijding op het zesennegentigste niveau
Nadat je het zesennegentigste niveau hebt bereikt, komt er een periode waarin je de focus op jezelf loslaat. Je gaat door een overgangsperiode heen. Ik zeg niet dat je op het zesennegentigste niveau volledig de open deur moet zijn, maar dat jij, om de focus op jezelf op te geven, je gehechtheid aan bepaalde overtuigingen moet loslaten. Waarom? Omdat je op het zesennegentigste niveau het zelfbeeld dat je hebt opgebouwd van het achtenveertigste tot het zesennegentigste niveau, je zelfgevoel als gevorderde spirituele student, laat sterven. Dat zelfbeeld is gehecht aan bepaalde overtuigingen. Die overtuigingen waren constructief omdat ze je ertoe hebben aangezet om een hoger bewustzijnsniveau te bereiken, maar er komt een punt waarop ze als een molensteen om je nek hangen. Dus, als jij je afvraagt: “Ben ik geslaagd voorde initiatie op het zesennegentigste niveau? Ben ik de levende Christus? Heb ik de focus op mezelf overwonnen?”, kijk dan naar je overtuigingen en ideeën. Zijn er dingen waar je aan gehecht bent? Dan heb je de focus op jezelf nog niet overwonnen omdat je het zelf nog niet hebt laten sterven.
Je was niet bereid geweest om je gevoel van geleerdheid, het gevoel dat je het beter weet dan Christus, los te laten, zoals Petrus liet zien. Je wilde het niet laten sterven en herboren worden als een baby in Christus: “Ik kan zelf niets doen, ik kan zelf niets weten, ik kan zelf niets bepalen, maar de Christus in mij doet het werk.”
Dit is een noodzakelijke periode om jezelf volledig te bevrijden van alle restanten, zodat je een relatie kunt krijgen met je IK BEN Aanwezigheid en de geascendeerde meesters in plaats van de aarde. Er zullen nog wel wat restanten over zijn wanneer je het zesennegentigste niveau ontstijgt, maar zodra je dat zelf hebt laten sterven, is het veel gemakkelijker om ze geleidelijk te herkennen en los te laten omdat je niet aan ze gehecht bent. Je zelfgevoel is er niet op gebaseerd.
Zie eens hoeveel mensen op de wereld gehecht zijn aan een bepaalde overtuiging. Kijk eens naar de mensen die geloven dat de aarde plat is en die het grootste deel van hun tijd besteden aan het beargumenteren waarom dit een feit is. Kijk eens naar fundamentalistische christenen die hun hele leven proberen te beargumenteren waarom de Bijbel letterlijk het woord van God is. Of moslims, of communisten, of wetenschappelijk materialisten, of wie ook maar. Hun identiteitsgevoel berust op hun overtuigingen, op bepaalde overtuigingen die hier op aarde zijn geformuleerd.
Een nieuwe identiteit in Christus
Wanneer ben je de Christus? Wanneer jij je identiteitsgevoel niet baseert op iets op aarde, maar op de individualiteit van je IK BEN Aanwezigheid en wat je ervaart als de stroom van Christus vanuit het geascendeerde rijk. Dát is je identiteit. In het begin kan het voelen alsof je geen identiteit hebt omdat het vergeleken met hoe je die voorheen had, lijkt alsof: “Ik heb geen meningen, ik ben nergens aan gehecht; ik heb geen echte persoonlijkheid meer zoals vroeger.” Maar geleidelijk aan begin jij je af te stemmen op de individualiteit in je IK BEN Aanwezigheid en je ervaart die zoals die zich uit en daardoor overwin je het gevoel van leegte. Het is nodig dat je door dit proces heengaat, maar het hoeft niet heel lang te duren.
De Levende Christus zijn, wat is de ervaring van de Levende Christus zijn? Er bestaat geen ervaring van de Levende Christus zijn. Je zult nooit op een punt komen waarop je tegen jezelf zegt: “Ah, IK BEN de Levende Christus. Ik kom eraan, klaar of niet.” Hoe komt dat? Wat geef je op als je de focus op jezelf loslaat? Je bepaalt niet meer wie je bent in relatie tot deze wereld, in relatie tot concepten. Zoals Jezus zei: als je een concept hebt van je IK BEN Aanwezigheid, kun je geen contact maken met die Aanwezigheid. Je kunt je Aanwezigheid alleen kennen wanneer die door jou wordt uitgedrukt. Hetzelfde geldt voor de Levende Christus. Je weet niet van tevoren wat Christus gaat zeggen, je laat het stromen. Wanneer je dat zelfgevoel loslaat, geef je in zekere zin het beeld van jezelf op dat je iets of iemand bent. Als je zegt: “IK BEN de Levende Christus”, dan ben je er nog niet. Je bent er misschien dichtbij, maar je hebt nog steeds een concept van wat het betekent om de Levende Christus te zijn, een concept dat je niet hebt losgelaten.
Je moet je Christusschap erkennen, niet verkondigen
Je hebt het concept verlichting: “Ah, deze leraar was verlicht, die goeroe is verlicht”, en daarom heeft hij seks met alle vrouwen in zijn beweging, zodat zij ook verlicht kunnen worden. Als je zegt: “IK BEN verlicht”, dan laat je zien dat je niet verlicht bent, want als je verlicht bent, dan ontstijg je alle concepten op deze wereld omdat jij je er niet meer mee identificeert of je erdoor laat definiëren.
Een van de misverstanden die veel mensen hebben, op grond van de afgoderij van Jezus of andere spirituele leraren, is dat het bijzonder is om de Levende Christus te zijn. Jezus liep beneden rond in de hete, stoffige woestijn, maar zijn kleren waren altijd schoon. Zijn voeten roken fris, hij was altijd kalm en beheerst, nooit een druppel zweet op zijn voorhoofd. Maar dit is niet de realiteit, maar de dualistische visie waardoor er altijd twee tegengestelde polariteiten zijn.
Dat Christus de allerhoogste bron van zekerheid voor het ego moet zijn, dat de droom van het ego om helemaal veilig te zijn kan worden overgedragen op de Christus en daarom geloven veel mensen dat ze, wanneer ze Christusschap bereiken, beter zijn dan anderen. Maar als je jezelf beter vindt dan anderen, vergelijk je nog steeds iets op basis van een dualistische schaal. Daarom zeg ik dat je op een punt komt waarop je ervaart, en bewust erkent, dat je Christusschap hebt bereikt, maar je ervaart ook dat je een bepaald niveau ervan hebt bereikt en dat er ook nog andere niveaus boven jou zijn. Je erkent bewust dat je een omslagpunt op het spirituele pad hebt bereikt en het is belangrijk dat je dit doet, maar je hoeft dit niet aan de wereld te verkondigen. Gedeeltelijk omdat het je erin vast kunt komen te zitten, maar gedeeltelijk ook omdat het anderen zal vastzetten omdat ze hun afgoderij op jou overdragen. En waarom zou je dat als Christus willen?
Je hoeft niets meer te verbergen
Zoals ik al zei, kun jij je op basis van je achtergrond inleven in mensen met dezelfde achtergrond, maar alleen als je niet ontkent wat je hebt meegemaakt. Als je er vrij, neutraal en openlijk over kunt spreken, zoals veel van jullie, sommigen zelfs in het openbaar, tijdens deze conferentie hebben gedaan. Veel mensen denken namelijk dat je, als je de Christus bent geworden, je verleden helemaal vergeet. Het maakt niet uit of je in je twintiger jaren lid was van een motorbende. Nee, het maakt voor jou niet uit omdat het niet bepaalt wie je bent, maar het kan wel belangrijk zijn voor anderen omdat je hen kunt inspireren. Dus waarom zou je het ontkennen? Waarom zou je het verbergen?
Het ego wil zich verbergen. Wat wil de Levende Christus die is geïncarneerd, verbergen? Want wanneer je de Christusgeest ervaart, voel je dat je niets voor de Christusgeest kunt verbergen. Zonder hem is niets gemaakt, wat gemaakt is. Hoe kun je iets voor de Christusgeest verbergen? Sterker nog, je zou kunnen zeggen dat dit laatste overblijfsel van het zelf, dat je op het zesennegentigste niveau opgeeft, gedeeltelijk het verlangen is om iets voor de Christusgeest te verbergen.
Sommige studenten werken zich gedurende een lange periode, vele incarnaties lang, op tot het zesennegentigste niveau en hangen dan aan het kruis van de vier lagere lichamen, maar in tegenstelling tot Jezus zijn ze niet bereid het spook op te geven. Dat laatste zelf, dat zegt wie hij is in relatie tot de wereld, dat zichzelf heeft gedefinieerd als een of andere superieure, gevorderde student, wil ook iets verbergen voor Christus, de geascendeerde meesters en God. Je moet het verlangen opgeven om iets voor God te verbergen, en eerlijk gezegd, als er iets is waarvan je weet dat het niet verborgen is voor de Christusgeest, waarom zou je het dan voor anderen willen verbergen?
Een expert worden in de menselijke psyche
Ik zeg niet dat je over elke ervaring die je hebt gehad, moet gaan praten. Maar ik zeg wel dat je op een punt komt waarop je zo neutraal bent dat je daarvoor openstaat als je in een situatie komt waarin het delen van je ervaring een ander zou kunnen helpen. Je staat open om het licht van Christus door je heen te laten stromen en de vorm aan te laten nemen van je ervaringen, zodat de ander zich met je kan identificeren en denkt: “O, als hij of zij hetzelfde heeft meegemaakt, maar het is ontstegen, dan kan ik dat misschien ook, want die persoon heeft immers hetzelfde gedaan als ik nu doe.” In zekere zin kunnen we zeggen dat je een onderwerp kunt kiezen. Veel van jullie kiezen voor een bepaald aspect van de maatschappij, politiek, wetenschap, onderwijs, wat dan ook. Je kunt ervoor zorgen dat je er expert in wordt, zodat Christus een structuur heeft om naar dat specifieke gebied te stromen. Maar dit betekent niet dat iedereen dat hoeft te doen, want je kunt ook expert worden in de menselijke psyche, persoonlijke transformatie. Je kunt bij wijze van spreken expert worden in jezelf, zodat je anderen kunt helpen die door hetzelfde heengaan als jij, maar jij hebt het al losgelaten.
In zekere zin zou ik jullie allemaal aanraden, zelfs als jullie je richten op wetenschappelijke onderwerpen, om enige kennis van psychologie te hebben. Einstein zou enorm veel baat hebben gehad bij dezelfde kennis van psychologie als de meesten van jullie hebben, want hij had wellicht een hogere wetenschappelijke theorie kunnen ontwikkelen dan de relativiteitstheorie. Je zou je nu kunnen afvragen of ik jullie overlaad met informatie.
Je bent niet alleen
Maar jullie hoeven niet alles wat ik heb gezegd klakkeloos over te nemen. Jullie moeten de paar dingen in dit dictaat vinden die weerklank bij jou vinden en die vervolgens implementeren, zodat je niet overweldigd raakt. Laat ik jullie een perspectief geven waar veel van jullie nog nooit aan hebben gedacht. Toen Jezus tweeduizend jaar geleden incarneerde, was de realiteit dat hij, hoewel hij niet de enige persoon was die incarneerde met het potentieel om de Christus te zijn of Christusschap had bereikt, de enige persoon die geïncarneerd was die deze specifieke rol op dat moment kon vervullen.
We maken wel eens grappen dat Jezus een voorliefde had voor drama, maar hij wist ook hoeveel ervan afhing dat hij slaagde voor de initiaties en de matrix zou vormen voor de komende tweeduizend jaar. Hij was zich ervan bewust dat hij had kunnen falen. Hij had kunnen zeggen: “Ik ga niet naar Jeruzalem om gemarteld en gekruisigd te worden. Ik ga de woestijn in en predik daar nog dertig jaar.” Hij had ook niets kunnen zeggen, dat was zijn vrije wil. Hij had een veel groter verantwoordelijkheidsgevoel, maar in deze tijd – wat hebben we ook alweer gezegd – kunnen tienduizend mensen die geïncarneerd zijn volledig Christusschap manifesteren in dit leven, miljoenen meer een hoge mate van Christusschap. Haalt dat niet een deel van de last van je schouders? Je redt de wereld niet in je eentje; er zijn veel van jullie die in verschillende hoedanigheden een rol spelen. Sommigen van jullie hebben misschien een onderbewust stemmetje dat zegt: “Maar ik wilde de enige redder zijn, zodat ik alle eer kon krijgen.” Als dat zo is, ga erachter aan. Het is slechts een zelf.
Beperkingen van waarnemingen op aarde
Nu een heel ander onderwerp: alchemie. Ik heb gisteren in mijn verhandeling al enkele opmerkingen gemaakt, maar ik zal er nog een paar aan toevoegen. Wat heeft de wetenschap de afgelopen honderden jaren gedaan? Die heeft hetzelfde gedaan als mensen al sinds het begin van de geschreven geschiedenis doen. Je weet waarschijnlijk wel dat sommige Griekse filosofen atomisten werden genoemd omdat zij als eersten over het atoom spraken als de kleinste ondeelbare eenheid ter wereld; alles zou uit atomen bestaan. Er waren andere Griekse filosofen die dachten dat alles uit water bestond. Maar zelfs toen waren ze al op zoek naar antwoorden en een onderdeel daarvan was ontdekken hoe de wereld in elkaar zit. Je zou kunnen zeggen: “Maar wat betekent het om iets te ontdekken?” Zelfs de Vedische zieners waren duizenden jaren geleden al op zoek naar antwoorden over hoe de wereld werkt.
Maar nogmaals, hoe ontdek je hoe de wereld werkt? Je moet het conceptualiseren. Maar hoe kun je conceptualiseren hoe de wereld werkt als je geen Christusschap hebt? Je moet het dan baseren op wat je observeert in de fysieke wereld en hoe je dat hebt geconceptualiseerd. Ga terug naar het tijdperk van de holbewoners, waar ze geen echte kennis hadden, geen basiskennis. Ze ervoeren alleen de ruwe natuur en haar krachten. Toch hadden ze de behoefte om te verklaren hoe de wereld werkt, dus bedachten ze diverse overtuigingen over goden, geesten of onzichtbare krachten. Neem bijvoorbeeld de Vikingen, die dachten dat donder de god Thor was die in zijn strijdwagen door de lucht reed.
Zoals we al vaker hebben gezegd, veranderde de aarde drastisch toen de planeet onnatuurlijk werd en de materie compacter werd. Niemand herinnert zich meer hoe het daarvoor was. Daarom baseren mensen hun pogingen om te ontdekken hoe de wereld werkt zich op de huidige, onnatuurlijke omstandigheden. Ze observeren de dichtheid van de materie en stellen daarom vragen die gebaseerd zijn op hun huidige begrip, conceptualisatie.
Je kunt geen vraag stellen die jij je niet kunt voorstellen en je kunt je niets voorstellen als het te ver buiten je waarneming valt of wat je denkt te weten. Wat hebben wetenschappers gedaan sinds Galileo en eerder, ikzelf en mijn incarnaties als de twee Bacons? Ze hebben geprobeerd steeds betere vragen te stellen over hoe de wereld werkt, maar ze werden beperkt door hun waarnemingen van hoe de materie zich gedraagt op een onnatuurlijke planeet. Daarom zijn ze met het concept gekomen dat er materie bestaat, dat die vast is omdat je zintuigen die ervaren. Maar is dat de enige manier om te conceptualiseren wat je om je heen waarneemt?
Het mentale kader dat het materialisme is
Wetenschappers begonnen heel geleidelijk steeds verfijndere vragen te stellen, totdat ze vragen stelden die leidden tot het besef dat materie uit verschillende lagen bestaat.
Je hebt het moleculaire niveau, het sensorische niveau, het atomaire niveau, het subatomaire niveau, en dan is er ook nog het kwantumniveau. En op dat niveau hebben we het eigenlijk niet over materie, maar over energie. Ondanks deze ontdekkingen, de relativiteitstheorie en de kwantumfysica, blijven natuurkundigen zich afvragen hoe materie werkt. Dat komt omdat ze vasthouden aan het materialistische paradigma. Er mag niets bestaan buiten het materiële universum, of liever, buiten onze mentale kaders. Ironisch, aangezien ze beweren de wereld te hebben bevrijd van de katholieke doctrines en bijgeloof. Maar wat waren die katholieke doctrines dan? Slechts een mentaal kader. Je mag geen vragen stellen buiten dat kader.
Het materialisme is slechts een ander denkkader. Je mag geen vragen stellen, anders zouden ze die vragen gesteld hebben zoals sommige wetenschappers al zijn gaan doen en deze vragen al veel eerder gesteld hebben. Is materie de enige manier om te begrijpen waaruit de wereld is opgebouwd? Zijn onze zintuigen, onze zintuiglijke waarneming, werkelijk de beste basis om vragen te stellen over hoe de materie werkt, hoe de materie ontstaat? Of zelfs om te zeggen dat er zoiets bestaat dat materie heet, en dat is wat de wetenschap, de materialistische wetenschap, ertoe heeft gebracht om de alchemisten, die in feite de eerste wetenschappers waren, belachelijk te maken.
De materie is vloeibaar
Want wat is tegenwoordig een van de hoekstenen van de wetenschap? Experimenteren. Wat deden de alchemisten? Ze experimenteerden, ze voerden praktische experimenten uit in hun laboratoria in plaats van Bijbelverzen te interpreteren en die te gebruiken om te verklaren hoe de wereld werkt. Even terzijde, waarom is dat een doodlopende weg? Omdat de Bijbel duizenden jaren geleden werd gegeven, toen de mensen een lager bewustzijnsniveau hadden en daarom niet konden begrijpen wat de vroege alchemisten wel konden begrijpen, of wat mensen tegenwoordig kunnen begrijpen.
Niettemin werden de vroege alchemisten ook beperkt door de algemene kennis in die tijd, maar ze stonden tenminste open voor de mogelijkheid dat materie niet vast en onveranderlijk is, maar dat alle verschillende vormen van materie uitdrukkingen zijn van een fundamentelere substantie en dat daarom de ene vorm van materie kan worden getransformeerd, getransmuteerd in een andere vorm van materie, omdat materie niet vast maar vloeibaar is. En als die visie niet was bespot en vergeten omdat de wetenschappers zeiden: “Ga weg, Satan, alchemisten!”, dan zou de wetenschap vandaag de dag veel verder zijn omdat de relativiteitstheorie en de kwantumfysica eerder ontdekt zouden zijn. En dat zou betekenen dat we nu al technologie zouden hebben die de ene vorm van materie in de andere zou kunnen transformeren, maar zoals het nu is, ligt die technologie natuurlijk nog ergens in de toekomst. Maar die komt wel steeds dichterbij en als je het gevoel hebt dat dit deel uitmaakt van je Goddelijke plan, dan kun je daar een bijdrage aan leveren.
Ook als je geen wetenschapper bent, kun jij je in het onderwerp verdiepen en een andere manier ontwikkelen om naar materie te kijken. Je kunt je natuurlijk afstemmen op mijn Aanwezigheid, en misschien kan ik je wat ideeën geven over hoe je dit proces kunt bevorderen. Nieuwe ontdekkingen worden vaak aan één persoon toegeschreven, maar er was altijd meer dan één persoon, die allemaal een kleine bijdrage leverden aan de vooruitgang van de kennis. Einstein kon bijvoorbeeld andere vragen stellen omdat hij zag wat Planck en anderen hadden ontdekt. En zelfs als je geen wetenschapper bent, kun je hier een bijdrage aan leveren. Maar waar het mij hier vooral om gaat, is dat ik het in het collectieve bewustzijn wil laten doordringen dat de vroege alchemisten, of alchemisten in het algemeen, conceptueel gezien op het juiste spoor zaten. Experimenteel gezien waren ze echter zeer primitief en hun experimenten zoals ze die destijds konden uitvoeren, konden niet succesvol zijn.
Maar met de technologie die jullie tegenwoordig hebben ontwikkeld voor het opwekken van vibraties, voor het produceren van energiegolven, zouden jullie, met het juiste conceptuele kader, de ene vorm van materie in een andere kunnen omzetten. Dan zouden er heel veel mogelijkheden komen om het leven op aarde zo te verbeteren dat jullie je het nauwelijks kunnen voorstellen. Neem bijvoorbeeld een simpel voorbeeld. Op dit moment spelen zeldzame aardmetalen een rol bij de productie van elektrische batterijen. Ze worden alleen op bepaalde plaatsen gevonden, daarom zijn ze ook zeldzaam. Er zijn slechts zeer kleine hoeveelheden beschikbaar, wat een enorme verwerking van enorme hoeveelheden grond vereist. Je hebt misschien gelezen dat er om voldoende lithium te kunnen produceren voor één autobatterij, één elektrische autobatterij, duizenden liters dieselbrandstof nodig zijn om de grote grondverzetmachines te laten bewegen. Het proces om die niet-vervuilende elektrische autobatterij te produceren vervuilt meer dan één benzineauto in zijn hele leven. Het netto-effect is dus vrij beperkt.
Maar als je deze materialen in een laboratorium of liever een industriële installatie zou kunnen produceren, dan zou je die verhouding niet hebben. Ik zeg hiermee niet dat elektrische auto’s op batterijen de allerbeste oplossing zijn, maar als tussenstap zou dit zeker mogelijk zijn, want uiteindelijk zal er natuurlijk vrije energie komen en dan heb je geen batterijen meer nodig omdat je geen elektriciteit hoeft op te slaan. Die technologie vereist echter ook een alchemistischer benadering van de materie, want je moet beseffen dat gratis energie niet in de fysieke wereld kan worden geproduceerd. Die kan alleen worden ontvangen uit een hoger rijk en worden gebruikt om arbeid te verrichten op de fysieke wereld, om elektriciteit te produceren, althans in het begin.
De acceleratie van atomen
Je ziet hier dat de alchemie, de alchemisten, het alchemistische wereldbeeld, openstond voor iets wat verder reikte dan de materiële wereld. En wat begint de moderne wetenschap nu te bewijzen? Dat er limieten zijn aan wat je met technologie op de fysieke wereld kunt doen. Fossiele brandstoffen produceren diverse stoffen die de atmosfeer vervuilen. Kernwapens zouden al het leven op aarde kunnen uitroeien. Er is voortdurend tekort aan energie. Stel je voor dat je een gratis energiebron had, hoeveel meer economische groei zou er dan wel niet zijn op de wereld? In slechts een paar jaar tijd zou de economie exponentieel groeien omdat je niet langer gebonden bent aan de kosten van energie. Dit betekent dat armoede al bijna uitgeroeid had kunnen zijn. Nogmaals, je ziet dat de Christus alles als een kans ziet. Alle beperkingen van de technologie die steeds duidelijker worden voor de mensen, bieden de mogelijkheid om te zien dat we moeten streven naar een nieuwe manier om te conceptualiseren hoe de materiële wereld werkt, een manier die ons helpt te beseffen dat materie niet op zichzelf bestaat. Het is een product van iets wat de materiële wereld overstijgt en daarom kunnen we, wanneer we dit beseffen, dingen doen met de ‘materie’ die tegenwoordig onmogelijk lijken.
Neem de vroege alchemisten en laat ze enkele van de wetenschappelijke instrumenten en technologieën zien die we tegenwoordig hebben en dan zouden ze het onmogelijk achten. Maar is er ooit iets onmogelijk? Als je beseft dat materie vloeibaar is en als je de component kent die zich buiten de materie bevindt, maar waaruit alles wat we materie noemen voortkomt, dan kun je materie transformeren. Wat is het verschil tussen een loodatoom en een goudatoom? Slechts een vibratie, maar die vibratie is niet fysiek. Het is niet wat wetenschappers tegenwoordig het materiële universum noemen. Er is een vibratie in een hoger rijk, een matrix die wordt geprojecteerd, over het Materie-licht heen wordt gelegd, die vibreert binnen het materiële frequentiespectrum en die de atomen manifesteert. Je kunt lood niet rechtstreeks in goud veranderen op het fysieke niveau, maar als je naar het hogere niveau gaat en de vibratie daar verandert, kun je loodatomen transformeren door hun vibratie te verhogen tot die van goudatomen.
Hiermee heb ik denk ik jullie vermogen om stil te zitten op één bepaalde plek uitgeput. Ik zit natuurlijk niet stil, want ik ben geen statisch wezen, maar een proces, een bewustzijnsstroom. Ik hoef niet te gaan zitten, maar ik besef dat ik, toen ik nog een fysiek lichaam had, af en toe ging zitten of liggen, ook al zijn dat de mythes van de Europese Wonderman die nooit slaapt. Maar dat was de Wonderman, niet wie ik was als geïncarneerd mens.
Ik dank jullie voor jullie bereidheid om deel te nemen aan dit alchemistische proces. Het was mijn hoop dat ik een deel van het lood in je menselijk bewustzijn kon overzetten, transformeren en transmuteren in het goud van het Christusschap. Maar dat vereist een keuze met jouw vrije wil, want die vorm van alchemie is niet mechanisch, maar creatief.
Hiermee verzegel ik jullie in de Vlam van Vrijheid. Alchemie is, in zekere zin, Vrijheid, en dat BEN IK.