De tweeling van Jezus worden

ONDERWERPEN: De tweeling van Jezus worden is anders dan tweelingvlam zijn – het doel van de meester-discipelrelatie is een-zijn – broeder/zuster en tweeling – een-zijn met de meester betekent geen verlies aan individualiteit – de laatste initiatie in Christusschap – Christusbewustzijn is geïndividualiseerd – de goeroe in de buitenwereld en de goeroe in jou – wat is er voor nodig om het zelf in de buitenwereld te laten sterven? – een tweeling reageert zoals Jezus zou reageren

Vraag: Ik heb erg genoten van het lezen van ‘The Christ is Born in You’ en het heeft me zeker geïnspireerd om verder te gaan op mijn pad naar het Christusbewustzijn. Dank je dat je deze zeer cruciale lering in een gemakkelijk te begrijpen stijl naar buiten hebt gebracht waarvan ik denk dat de meeste mensen hem wel zullen kunnen begrijpen.

Ik heb een vraag voor je over je tweeling worden zoals je uitlegt op pagina 300 van je boek. Wat ik van de Leringen van de geascendeerde meesters begrijp, is dat je alleen maar een tweelingvlam hebt die werd gecreëerd uit hetzelfde eivormige licht als waar ik in het begin uit voortgekomen ben. Zou je alsjeblieft precies duidelijk willen maken wat het verschil is tussen een tweelingvlam en een tweeling?
Tot dusver bestaat mijn inzicht hieruit: wanneer iemand het Christusbewustzijn bereikt, wordt hij/zij één met het universele Christusbewustzijn (waar jij en degenen van de geascendeerde meesters al één mee zijn) en zou daarom één met jou worden. Zit ik op het goede spoor?

Antwoord van geascendeerde meester Jezus door Kim Michaels:

Ik begrijp je verwarring. Ik heb het concept tweelingvlam niet in het boek uitgelegd, omdat ik geloof dat het iets te geavanceerd is voor de beginnende student.

Het concept om mijn tweeling te worden verschilt van het concept tweelingvlam. Toen je levensstroom voor het eerst door je goddelijke ouders werd geschapen, werd je geschapen als polariteit van jouwe tweelingvlam. Dit was de eenheid waarin verwezen wordt met de woorden: “Laat geen mens scheiden, wat God heeft samengevoegd.”

Het was niet Gods bedoeling dat tweelingvlammen het contact met elkaar zouden verliezen. Nadat mensen echter een lagere bewustzijnsstaat kregen, werden de meeste mensen geleidelijk van hun tweelingvlam gescheiden. Ik spreek meer over tweelingvlammen in het antwoord op een andere vraag.

Het concept om mijn tweeling te worden, is anders. Hoewel je het contact met je tweelingvlam kunt verliezen, behoud je altijd een spirituele eenheid met die tweelingvlam. Mijn tweeling worden, is iets waar je naartoe kunt groeien. Het is meer als een ambt of titel dat je kunt bereiken door het pad van discipelschap onder mijn leiding met succes af te leggen.

Door de tijden heen hebben wij, de geascendeerde meesters, een geleidelijk pad onderwezen dat leidt tot een hogere bewustzijnsstaat. Dit pad wordt gebaseerd op het idee dat iemand als leraar, of goeroe, handelt en een aantal studenten, of chela’s, aanneemt. De essentie van deze goeroe-chelarelatie staat ver boven het wereldse concept van de relatie van leraar en student.

In de goeroe-chelarelatie is het echte doel dat de student één met de leraar wordt en dan zelf leraar kan worden. Daarom gaat de student door een geleidelijke transformatie van steeds meer eenheid met de leraar bereiken. In het begin volgt de student de leringen in de buitenwereld. Op een bepaald moment ontdekt de student de verborgen innerlijke leringen, de student ontdekt het innerlijke pad dat niet openlijk beschreven wordt, maar achter het pad en de lering in de buitenwereld bestaat. Dit kun je duidelijk zien in de quote dat ik de massa in parabels onderwees, maar wanneer we alleen waren, diepte ik alles uit bij mijn discipelen. Mijn discipelen waren juist mijn discipelen geworden, omdat ze verder keken dan de lering in de buitenwereld en een hechtere relatie met mij hadden.

Zelfs nadat de student een hechtere relatie met de leraar krijgt, zijn er niveaus van verworvenheid waar de student naar kan streven. Ik koos ervoor om die verschillende niveaus van verworvenheid te beschrijven door drie verschillende niveaus van discipel, broeder/zuster en tweeling te maken.

Dit was voor mij gewoon een gemakkelijke manier om dit zo uit te leggen dat mijn studenten 2000 jaar geleden het konden begrijpen. Het is vanzelfsprekend niet de enige manier om dit uit te leggen en het heeft het nadeel dat het verward kan worden met familierelaties.

De waarheid van dit systeem is dat de bedoeling van mijn missie was om te demonstreren dat alle mensen zonen en dochters van God zijn. Dus wanneer iemand eerst mijn discipel wordt, volgt die persoon mijn innerlijke leringen, maar beschouwt zichzelf minder dan mij in spirituele verworvenheid. Naarmate de student vordert om het pad, begint hij zich meer met mij te vereenzelvigen. Hij beseft dan dat hij mijn spirituele broeder is, omdat hij ook een zoon van God is zoals ik een zoon van God ben. Verschillende van mijn discipelen hebben deze eenheid bereikt en verdienden toen de titel broeder en zuster. Ik placht zo naar hen te verwijzen wat ervoor gezorgd heeft dat sommige christenen geloven dat zij mijn fysieke broers en zusters waren. Hoewel ik wel fysieke broers en zussen had, gebruikte ik vaker deze termen voor mijn spirituele broeders en zusters.

Wanneer een discipel het niveau van broeder of zuster heeft bereikt, heeft hij of zij twee opties. De ene is om zijn of haar individuele Christusschap te ontwikkelen en tot uitdrukking te brengen, wat onafhankelijk van mij gedaan kan worden. Twee broeders zouden misschien heel verschillend kunnen zijn, toch delen ze een gemeenschappelijk erfgoed. Met andere woorden, jij zou in een bepaalde situatie op jouw individuele manier kunnen reageren en niet beslist zoals ik in die situatie zou reageren.

De andere optie is nog grotere eenheid met mij te krijgen door mijn tweeling te worden. Dit is een hechtere relatie dan die van broeder of zuster en is niet voor iedereen bestemd. Daarom had alleen Thomas dit niveau bereikt heeft. Dit betekent niet beslist dat Thomas mijn meest gevorderde discipel was. Hij koos gewoon voor een ander pad dan de andere discipelen voor wie het belangrijker was om hun verworvenheid als mijn broeder te ontwikkelen en hun individuele Christusschap tot uitdrukking te brengen. Maar voor Thomas was het juiste pad om het individuele Christusschap af te leggen en een grotere mate van eenheid met mij te bereiken. Dit betekent niet dat Thomas een kloon van mij werd. Hij was nog steeds heel erg een individu en behield die individualiteit. Het betekende echter dat hij meer één met mij was, zoals een tweeling vaak dichter bij zijn tweelingbroer staat dan een broer. Daarom was Thomas na mijn wederopstanding in staat om directer contact met mij te onderhouden dan mijn andere discipelen en hij kon als mijn woordvoerder handelen naar de andere discipelen toe.

Er is geen algemene richtlijn voor of iemand naar dit niveau van discipelschap zou moeten streven. Wanneer je echter het niveau bereikt van mijn broeder of zuster in de geest, weet je van binnenuit wat het juiste pad vanaf dat moment is.

Tot dusver bestaat mijn inzicht hieruit: wanneer iemand het Christusbewustzijn bereikt, wordt hij/zij één met het universele Christusbewustzijn (waar jij en degenen van de geascendeerde meesters al één mee zijn) en zou daarom één met jou worden. Zit ik op het goede spoor?

Je hebt het juist. Eén met mij worden, houdt niet in dat jij jouw individualiteit verliest. Wanneer je in het materiële universum leeft, heb je de neiging om in lineaire termen te denken. Daarom is het concept een-zijn enigszins anders dan het concept een-zijn dat we in het spirituele rijk kennen.

Dus denk alsjeblieft niet dat één met mij worden, betekent dat je jouw unieke individualiteit verliest, omdat die individualiteit een geschenk van God aan jou is. Het is niet de bedoeling van het spirituele pad om die te verliezen, maar om die terug te krijgen en dan in de materiële wereld tot uitdrukking te brengen.

Wanneer je één met je Christuszelf wordt, zie je dat je één met God bent, dat je een individualisatie van God bent. Je moet ook beseffen dat alle andere wezens individualisaties van God zijn en daarom ontwikkel je een nieuw gevoel van een-zijn dat niet lineair maar sferisch (bolvormig) is. Nadat je de lineaire manier van denken transcendeert en dit sferische bewustzijn aanneemt, is er geen conflict meer tussen één-zijn met mij of met God, en tegelijkertijd het unieke individu te zijn dat je bent.

Een vraag die daaruit voortvloeit: Houdt het in dat door jouw tweeling te worden, iemand de noodzaak transcendeert om individueel Christusbewustzijn te bereiken, omdat ze al de Christus in jou zijn en dan één zijn geworden met het universele Christusbewustzijn?

Je kunt niet de noodzaak om je individuele Christusschap te manifesteren, transcenderen. Je persoonlijke Christuszelf is een uniek geschenk van God aan jou en het is zowel je kans als je verantwoording om Christusschap te manifesteren. Hoewel je veel hulp van een leraar kunt ontvangen, moet je de laatste stappen uiteindelijk zelf doen. Dit werd gedemonstreerd door het proces waarin ik aan het kruis hang en het gevoel kreeg dat God mij verlaten had. Dit is eenvoudig de initiatie waarin je moet bewijzen dat je zoveel Christusschap hebt geïnternaliseerd dat je de laatste stappen op het pad zonder enige assistentie van een bron van buitenaf kun lopen.

Wanneer je persoonlijk Christusschap manifesteert, word je niet één met het universele Christusbewustzijn. Je wordt één met jouw Christuszelf die een individualisatie is van het universele Christusbewustzijn dat jou als een uniek geschenk van God wordt gegeven. Zoals ik in het boek heb uitgelegd, heb ik mij met het universele Christusbewustzijn vereenzelvigd en daarom heb ik gezegd: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.” Iedereen die het Christusbewustzijn bereikt, vereenzelvigt zich met het universele Christusbewustzijn. Niettemin druk je op deze wereld nog steeds je individuele Christusbewustzijn uit en ik vormde hierop geen uitzondering.

Eén manier om dit proces uit te leggen, is door te verwijzen naar wat ik gezegd heb over de goeroe-chelarelatie. Het is niet de bedoeling dat de goeroe in de buitenwereld een vervanging is van de innerlijke goeroe, jouw Christuszelf. Een verkeerde goeroe zal proberen om zo’n vervanging te worden en je afhankelijk te maken van de goeroe in de buitenwereld. Een echte goeroe zal jou, op diverse manieren, proberen te helpen om je afhankelijkheid van de goeroe in de buitenwereld te overwinnen. Dus je zou kunnen zeggen dat het proces van studeren onder een goeroe, het proces is waardoor je geleidelijk op het punt komt waarop je begint te vertrouwen op de innerlijke goeroe, jouw Christuszelf, in plaats van de goeroe in de buitenwereld.

Op een bepaald moment hebben ze zo’n sterk innerlijk contact met de innerlijke goeroe, hun Christuszelf, dat zij hun individuele Christusschap kunnen gaan manifesteren en tot uitdrukking brengen zonder een nauwere relatie met de goeroe in de buitenwereld te ontwikkelen. Maar sommige studenten hebben dat contact met hun goeroe in de buitenwereld nog wel nodig tot zij zo één met de goeroe in de buitenwereld worden dat zij het lagere zelf achterlaten en één in bewustzijn (één van geest) met de goeroe worden.

Een andere manier om het proces naar Christusschap te beschrijven, is door te zeggen dat de student zijn of haar valse, of pseudo-individualiteit verliest, namelijk die van het lagere bewustzijn (de dualistische geest) terwijl hij eenheid krijgt met de ware individualiteit van het Christusschap en het spirituele zelf. Dus de vraag is opnieuw wat er voor een bepaalde student voor nodig is om het pseudozelf los te laten en zich met zijn Christuszelf verenigen. En zoals ik zei, voor sommigen kan dit worden bereikt door de lering te belichamen, terwijl het voor anderen het best kan als het resultaat van één met de goeroe in de buitenwereld worden.

Wanneer je die eenheid met de goeroe in de buitenwereld bereikt, verlies je het pseudozelf en manifesteer je jouw individuele Christusschap. En op dat punt heb je twee opties. Je kunt je erop richten om je individuele Christusschap te manifesteren of je kunt verdergaan en mijn tweeling in actie op deze wereld worden.

Mijn tweeling worden, betekent dat je zo’n sterk contact met mij hebt dat je weet hoe ik op een bepaalde situatie zou reageren. Als je niet voor de optie kiest om mijn tweeling te worden, reageer je op iedere situatie door jouw individuele Christusschap tot uitdrukking te brengen. Wanneer je mijn tweeling bent, is je contact met mij zo hecht dat je weet hoe ik op die situatie zou reageren. Dit betekent niet dat mijn tweeling altijd reageert zoals ik gedaan zou hebben, omdat zelfs een tweeling ervoor kan kiezen zijn of haar individuele Christusschap in bepaalde situaties tot uitdrukking te brengen. Toch betekent het wel dat je altijd weet hoe ik gereageerd zou hebben en daarom was Thomas zo’n waardevolle bijdrage aan de vroegchristelijke beweging en kon vaak de andere discipelen leiden in de richting die ik wilde. Maar mijn tweeling worden, is duidelijk niet voor iedereen weggelegd.

Er is niets mis met jouw individuele Christusschap tot uitdrukking brengen. Voor de meeste mensen zal dit het juiste zijn om te doen – wanneer ze eenmaal dat Christusschap bereikt hebben. Toch is er zelfs tegenwoordig behoefte aan een paar mensen die ervoor kiezen om mijn tweeling te worden en dan weten wat ik gedaan of gezegd zou hebben in een bepaalde situatie.

Neem bijvoorbeeld deze website. Kim had veel van de leringen op deze website naar buiten kunnen brengen als uitdrukkingsvorm van zijn individuele Christusschap. Hij had kunnen zeggen dat de leringen van hem kwamen, of liever van zijn hogere Zelf. Of hij had deze website als dialoog op kunnen zetten met een onbekende of anonieme meester. Hoewel dat misschien deze website acceptabeler had gemaakt voor sommige mensen die negatieve gevoelens ten opzichte van mij koesteren, was dit niet wat ik wilde. Dus hij gaf zijn wens om zichzelf tot uitdrukking te brengen op en was bereid te zeggen dat de leringen rechtstreeks van mij kwamen. Vanzelfsprekend onderwerpt dit hem aan de minachting en bespotting van degenen die het niet begrijpen of die mijn stem niet herkennen.