Waarom de Roomse kerk het Romeinse Rijk overleefde

Geascendeerde Meester Gautama Boeddha, 14 februari 2010

Kijk eens naar het Romeinse Rijk en de gebouwen. Alles was gedisciplineerd, alles was op een thema gebouwd en dat thema werd herhaald zonder ruimte voor creativiteit en variatie. Zoals wij hebben uitgelegd, werden de individualiteit en de creativiteit gedood – en daardoor stond men niet open voor aanpassingen toen de tijd veranderde. Zoals we eerder hebben gezegd, de ruimte is Boeddha; de tijd is moeder, en juist een element van de moeder moet veranderen. Dit staat in de tweede wet van de thermodynamica.

Wanneer een systeem gesloten raakt – wat betekent dat het niet verandert – dan zal het allengs worden afgebroken, want de tijd vraagt om verandering. De tijd zegt dat wat uit dualiteit is gevormd, nooit stil kan staan, nooit door de tijd heen in stand kan blijven. Want de tijd vereffent alles, breekt alles af naar het laagst mogelijke niveau van organisatie en structuur. Tijd is de vijand van structuur, want structuur – als die eenmaal gevormd is – wordt een beest dat zichzelf wil conserveren in plaats van voortdurend te transcenderen zoals de creatieve stroom van het leven eist.

Je ziet dat het Romeinse Rijk er niet in slaagt zich aan te passen en dan zie je dat het wereldrijk het Romeinse Rijk niet heeft overleefd, niet de wereldlijke militante tak van het rijk, maar de latere vorm van het wereldrijk, namelijk de Roomse Kerk, die – gedeeltelijk omdat die gebaseerd werd op de leringen van Christus en gedeeltelijk omdat die eeuwenlang door de Romeinen vervolgd was voordat het de staatsreligie werd – veel meer op het materieaspect, het moederaspect, was afgestemd.

En dus had de christelijke kerk zich tot aan Constantijn moeten aanpassen om te overleven. En daarom waren er, toen de Roomse Kerk werd gesticht, nog genoeg restanten van creativiteit in de Roomse Kerk om het Romeinse Rijk te overleven. Maar net toen de leiders van de kerk begonnen te denken dat ze het allemaal voor elkaar hadden, zag je in de periode van de middeleeuwen, omdat de creativiteit op was, dat de vlam van creativiteit was gedoofd. En toen was er alleen nog maar het onophoudelijke verlangen om de structuur te handhaven door alle echte of denkbeeldige bedreigingen van de structuur te vernietigen.

En hoe groter het verlangen, hoe meer oppositie tegen het afbreken van de structuur . En toen kreeg je de kruistochten, de Inquisitie, en ook de onophoudelijke vervolging van vrouwen bij zogenaamde heksenjachten. Weet je hoeveel duizenden, tienduizenden, honderdduizenden vrouwen werden gedood tijdens de heksenjachten en de Inquisitie? Iedere vrouw die zich had afgestemd op de wijsheid van de moeder – en die wat ze tegenwoordig natuurlijke geneesmethoden noemen, gebruikte – die vrouwen werden vervolgd en waarschijnlijk gedood door de katholieke kerk. Wat was dit bespottelijk, want het had natuurlijk een ongelooflijke spurt in hun creativiteit opgeleverd die de maatschappij, de maatschappij van Europa, veel sneller uit de donkere middeleeuwen had gehaald dan de manlijke wetenschappers.

Dit is een deel uit een langere lering. Je kunt het hele dictaat hier lezen.