De kosmische oorsprong van het kwaad

Het energiecontinuüm
Albert Einstein heeft ontdekt dat we niet in een wereld leven die bestaat uit twee substanties, namelijk materie en energie. Wij leven in een wereld waar alles uit energie bestaat. Wat wij waarnemen als vaste materie, is eigenlijk vibrerende energie die een bepaalde vorm heeft aangenomen.

Onze fysieke zintuigen zijn ontworpen om het niveau van energiefrequenties waar te nemen dat wij hebben gelabeld als materie. Wanneer wij ons realiseren dat materie een vorm van vibrerende energie is, kunnen wij ons denken verheffen boven de beperkingen van onze fysieke zintuigen.

Alle gedachtesystemen die ontkennen dat er iets meer is dan het materiële universum (het wetenschappelijk materialisme, het communisme, empirisch onderzoek, etc.) berusten op de beperkingen van onze zintuigen. We kunnen het kwaad niet verklaren, als we weigeren om verder te kijken dan deze op de zintuigen gebaseerde kijk op de wereld. Al die gedachtesystemen berusten op de intentie om de mensen hun intuïtie te laten ontkennen of negeren. Juist de intuïtie stelt ons in staat om dat deel van de werkelijkheid te voelen dat buiten de materiële wereld valt.

Wanneer wij erkennen dat materie energie is en dat energie iets is wat vibreert, dan beseffen we dat er in potentie een heel groot continuüm van energiefrequenties bestaat. Wij weten bijvoorbeeld van de toonladder dat hoorbare tonen kunnen worden verdeeld in octaven, die van lagere naar hogere vibraties reiken. Wij weten dat er infrarode en ultraviolette lichtstralen zijn die onze ogen niet kunnen zien.

Het materiële universum is een heel kleine ‘pocket’ in een heel groot continuüm van energie. Dit continuüm kan uit vele niveaus of lagen bestaan die wij niet met onze fysieke zintuigen en wetenschappelijke instrumenten kunnen opmerken.

De instrumenten van de wetenschappers bestaan allemaal uit materie en daardoor hebben ze maar een beperkte reikwijdte, een observatiehorizon. Hoe kunnen we weten of er andere ‘werelden’ bestaan naast het materiële? Door een instrument te gebruiken dat zich niet beperkt tot het materiële frequentiespectrum, namelijk onze geest. Maar eerst moeten wij onze geest bevrijden van de beperkingen van onze zintuigen en het materialisme wereldbeeld. Als je meer wilt lezen over hoe je dit moet doen, kijk dan bij .

Wanneer wij onze geest bevrijden van de op de zintuigen gebaseerde GIN, kunnen wij tot het besef komen, dat hoewel het materiële universum heel uitgebreid is, het maar één kleine pocket is in een veel groter continuüm.

De materiële wereld die wij ervaren met onze zintuigen wordt gemaakt uit energie die vibreert binnen een bepaald spectrum, of binnen een bepaalde reikwijdte. Voor de meeste mensen is het zo dat hun geest zo beperkt is geworden dat zij alleen maar frequenties in het materiële spectrum kunnen opmerken. Het is mogelijk om je geest opnieuw te trainen, zodat wij ons intuïtief kunnen afstemmen op frequenties die buiten het materiële spectrum vallen.

Als onze geest opnieuw zou worden getraind, zodat we verder konden ‘kijken’ dan de materiële wereld, dan zouden we de drie andere rijken opmerken die onze wereld vormen. Als je meer hierover wilt lezen, kijk dan bij .

Als we verder dan deze rijken kijken, dan zien we een wereld die een hogere vibratie heeft dan onze wereld. Als wij ons blijven afstemmen op hogere vibraties, ontdekken wij dat er meerdere niveaus of sferen in deze hogere wereld zijn. Wij zullen hier nu verder op ingaan om uit te leggen hoe onze wereld werd geschapen.

Hoe de wereld werd geschapen
Als we steeds hogere vibraties blijven opmerken, dan komen we uiteindelijk op een niveau terecht waarop we het zelfbewuste wezen vinden dat aan het creatieve proces van onze wereld is begonnen. Wij zouden dit de Schepper kunnen noemen om hem te onderscheiden van de beelden van god die op aarde zijn gedefinieerd. De Schepper heeft een bewustzijnsniveau dat wij niet kunnen peilen en dat je met geen van de beelden van god kunt beschrijven die je bij religies op aarde aantreft.

De Schepper heeft eerst de wens of wil gevormd om onze wereld te scheppen. Hij heeft vervolgens een grens rondom zichzelf getrokken.

De Schepper heeft zijn wezen daarna teruggetrokken in één enkel punt in het centrum van iets wat een leegte werd.

Vervolgens heeft de Schepper zijn eigen Wezen of bewustzijn naar buiten geprojecteerd en een sfeer binnenin die leegte geschapen, een sfeer die de leegte niet vulde. Die sfeer werd gemaakt van iets wat wij energie noemen, hoewel die een veel hogere vibratie had dan onze wereld.

In die eerste sfeer, heeft de Schepper bepaalde structuren gemaakt, vergelijkbaar met (maar niet gelijk aan) onze sterrenstelsels, zonnestelsels en planeten. De Schepper projecteerde zich vervolgens naar deze sfeer als individuele van zichzelf bewuste wezens. Die wezens hadden een op één punt lijkend, gelokaliseerd zelfgevoel, in tegenstelling tot het zelfgevoel van de Schepper dat sferisch, en niet-lokaal was.

Hoe vrije wil een onderdeel vormt van het ontwerp
Die eerste medescheppers hadden het geestelijke vermogen om de basisenergie van hun sfeer te modelleren in vormen, vergelijkbaar met (maar niet gelijk aan) de vormen die wij op aarde hebben, zoals gebouwen. Het was de bedoeling dat dat de eerste medescheppers hun geestelijke vermogens zouden gebruiken om het fundament dat de Schepper gelegd had, verder op te bouwen.

Zij zouden complexere structuren scheppen en door dat te doen, zouden ze hun bewustzijn verhogen en de vibratie van hun sfeer verhogen naar een cruciaal niveau. Als dit niveau bereikt werd, dan zou de hele sfeer ascenderen en permanent worden en alle medescheppers zouden dan een geascendeerde meester worden.

Toen de sfeer werd geschapen, was die niet permanent en de medescheppers ooit niet. De reden is dat een medeschepper vrije wil moet bezitten om in bewustzijn te kunnen groeien.

Een nieuwe medeschepper heeft een heel lokaal zelfgevoel, een zelfgevoel in de vorm van één enkel punt. Omdat er veel nieuwe medescheppers zijn, is het mogelijk dat zij hun vrije wil te gebruiken om elkaar te benadelen. Er zijn twee niveaus van de vrije wil.

  • Het laagste niveau van de vrije wil is dat een medeschepper zichzelf niet alleen maar als een individueel wezen beschouwd maar ook als een apart wezen. Hij benut dan zijn vrije wil op grond van de illusie dat hij gescheiden is van andere wezens. De medeschepper weet dat zijn keuzes consequenties hebben, maar hij wordt gevoelig voor de illusie dat hij keuzes kan maken die hemzelf schijnbaar profijt opleveren, terwijl ze anderen benadelen. Dit is de illusie dat ‘ik’ iets kan doen wat ‘jou’ benadeelt zonder dat dit van invloed is op mij. Deze illusie komt vanzelfsprekend veel voor op aarde.
  • Het hogere niveau van vrije wil is dat een medeschepper zich realiseert dat er hoewel hij een individueel wezen is, geschapen is uit die Ene Geest van de Schepper – net als alle andere medescheppers. Daardoor zijn alle medescheppers met elkaar verbonden in bewustzijn, wat betekent dat wat wij anderen aandoen, ook onszelf aandoen. Wanneer wij deze waarheid bewust erkennen en internaliseren, kunnen wij medescheppen (onze wereld verheffen en al het leven laten profiteren) in plaats van ontscheppen (lijden en beperkingen scheppen voor iedereen op onze planeet).

Alleen als de meerderheid van de medescheppers in een sfeer hun vrije wil gebruikt om iets mede te scheppen, kan de sfeer worden verhoogd, totdat die ascendeert en permanent wordt. Dit gebeurt wanneer medescheppers bewust de keuze maken om hun vrije wil zodanig te verhogen dat ze er permanent voor kiezen om niet meer als gescheiden wezen te handelen, maar als een wezen te handelen die deel uitmaakt van een geheel. Zij weten dan dat wat zij anderen aandoen, ook hen beïnvloedt. Daarom kiezen ze ervoor om vrijwillig iets te doen waar het geheel baat bij heeft.

Wanneer alle medescheppers die keuze maken, kan een sfeer worden verheven naar het punt waarop ze kan ascenderen en permanent worden. De medescheppers hebben dan meesterschap over hun eigen geest gekregen, wat betekent dat zij ook ascenderen en geascendeerde meesters worden. Wanneer dat gebeurt, zet het creatieve proces zich voort.

Hoe de eerste sferen zijn gegroeid
Toen de medescheppers in de eerste sfeer hadden gekozen voor eenzijn, ascendeerde hun sfeer. Deze medescheppers werden toen geascendeerde meesters en dat hield in dat zij onsterfelijk waren geworden door ervoor te kiezen om het niveau van egoïstische keuzes te transcenderen.

Nadat de eerste sfeer was geascendeerd, projecteerde de Schepper zichzelf naar een tweede sfeer die een enigszins dichtere vibratie had dan de eerste sfeer. De geascendeerde meesters uit de eerste sfeer schiepen toen de structuren in de tweede sfeer. Vervolgens projecteerden zij delen van hun eigen wezen naar de tweede sfeer als van zichzelf bewuste medescheppers met vrije wil.

Na lange tijd ascendeerde de tweede sfeer. De medescheppers werden geascendeerde meesters. De geascendeerde meesters uit de eerste sfeer schiepen toen de derde sfeer met een enigszins dichtere vibratie. De pas geascendeerde meesters uit de tweede sfeer schiepen de structuren in de derde sfeer en projecteerden toen delen van hun wezen daarnaar toe als nieuwe medescheppers.

Zo vond het scheppen van opeenvolgende sferen plaats. In de eerste drie sferen, kozen alle medescheppers ervoor om gescheidenheid en egoïsme te overwinnen en hun vrije wil te verheffen naar het niveau van eenzijn. In de vierde sfeer had er echter een omslag plaats.

De oorsprong van gevallen wezens
De vierde sfeer werd op dezelfde manier als de eerste drie geschapen, ze had alleen met dichtere vibratie dan de derde. Het overgrote deel van de medescheppers in de vierde sfeer kozen ervoor om egoïsme te overwinnen en dit zorgde ervoor dat de sfeer het punt van ascensie naderde.

Toen dit gebeurde, waren een aantal medescheppers niet bereid om hun gerichtheid op zichzelf los te laten. Dit betekende niet dat de wezens slecht waren, zoals wij daar op aarde naar kijken. In feite zouden die medescheppers voor ons heel geleerd en machtig hebben geleken.

Deze medescheppers hadden echter niet de basale dynamiek begrepen van het scheppen van een sfeer die niet permanent is. De bedoeling hiervan is dat medescheppers met hun vrije wil kunnen experimenteren zonder consequenties te scheppen die permanent worden en hen daardoor tot in eeuwigheid beïnvloeden. Een niet-geascendeerde sfeer wordt uit energie geschapen die gemakkelijk kan worden uitgewist of een andere vibratie te geven. Je kunt het beschouwen als een kosmische zandbak waarin medescheppers kunnen experimenteren zonder het zand (de energie) pijn te doen.

In de vierde sfeer hadden een paar medescheppers heel verfijnde beschavingen ontworpen waar wij op aarde heel erg van onder de indruk zouden zijn. Die berustten echter niet op onbaatzuchtigheid, het gewaarzijn dat je één geheel vormt. Die berustten op de illusie dat het misschien mogelijk was om een gescheiden zelf tot zo’n hoog niveau te verheffen dat hij permanent kan worden.

In werkelijkheid kan niets in een niet-geascendeerde sfeer permanent worden. Om te kunnen ascenderen, moet een medeschepper alle structuren opgeven die hij heeft gemaakt en ook het zelf waarmee hij die structuren heeft gemaakt. Natuurlijk houdt de medeschepper niet op te bestaan, maar zal een hogere bewustzijnsstaat krijgen als geascendeerde meester.

Een aantal medescheppers in de vierde sfeer konden dit niet bevatten en daardoor waren zij niet bereid om de verfijnde beschavingen op te geven die zij hadden gemaakt en waar zij de onbetwiste leider van waren. In de eerste plaats wilden zij het zelf niet opgeven dat hen het gevoel gaf dat zij machtiger en belangrijker waren dan alle andere mensen op hun planeten.

Toen de vierde sfeer dichter bij het punt van ascensie kwam, werd het de geascendeerde meesters duidelijk dat sommige medescheppers (en veel volgelingen van hen op hun planeten) niet bereid waren om met de rest van de sfeer mee te ascenderen. Men had deze mogelijkheid voorzien en daardoor stelden de meesters Plan B in werking.

Natuurlijk moest er evenwicht komen tussen de vrije wil van de overgrote meerderheid van de medescheppers in de vierde sfeer (die wilden ascenderen) en de vrije wil van de kleine minderheid (die niet wilde ascenderen). Dit hield in dat de vierde sfeer ascendeerde en de medescheppers die niet wilden ascenderen, daalden vervolgens af naar de vijfde sfeer die toen werd geschapen.

Die wezens worden ‘gevallen wezens’ genoemd om aan te duiden dat zij niet vrijwillig bewust in die vijfde sfeer wilden incarneren. Zij vielen naar deze sfeer als gevolg van hun onwil om hun gescheiden zelf op te geven en met hun oorspronkelijke sfeer mee te ascenderen.

Verschillende groepen van gevallen wezens
De gevallen wezens kregen speciale planeten om op te incarneren om hen meer kansen te geven om hun gescheiden zelf te laten uitleven, totdat zij genoeg van deze ervaring zouden krijgen en iets meer zouden willen. Een paar gevallen wezens uit de vierde sfeer zijn inderdaad geascendeerd toen de vijfde sfeer ascendeerde.

Een paar gevallen wezens uit de vierde sfeer waren niet bereid om met de vijfde sfeer mee te ascenderen, dus zij vielen toen opnieuw naar de zesde sfeer. Een paar medescheppers uit de vijfde sfeer zijn ook gevallen.

Dit patroon werd in de zesde sfeer herhaald. Ons universum is de zevende van de sferen in onze schepping. Dit betekent dat er in deze sfeer wezens zijn die in de vierde, vijfde en zesde sfeer zijn gevallen. Sommige wezens zijn drie keer gevallen.

Het belang hiervan is dat die gevallen wezens het gevoel hebben dat zij veel verder ontwikkeld zijn dan de medescheppers die in deze sfeer tot leven kwamen. De gevallen wezens zijn ervan overtuigd dat hun gescheiden zelf veel machtiger is dan wij en dat zij veel beter weten hoe het universum werkt of zou moeten werken.

De gevallen wezens hebben het gevoel dat zij het recht hebben om over ons te regeren en ons te manipuleren in overeenstemming met hun wereldbeeld, hun GIN. Zij hebben ook niet het gevoel dat zij één zijn met ons, of verwant aan ons zijn, en daarom voelen ze geen enkele empathie en zijn totaal onverschillig voor het lijden dat zij ons toebrengen.

De gevallen wezens die met de aarde van doen hebben, hebben het gevoel dat zij de rechtmatige heersers over deze planeet zijn en dat de rest van ons hen blindelings zou moeten volgen. Zij hebben het recht om ons te bedriegen en ons tot iets te dwingen om ons zover te krijgen dat wij hen volgen. Als wij weerstand bieden, hebben zij het recht om zoveel mensen als ze maar willen, te doden. Zij hebben niet meer scrupules over het doden van een mens dan wij hebben over het pletten van een mug. Zij beschouwen ons als een lagere levensvorm.

Begrijpen dat er gevallen wezens bestaan en op aarde zijn, is de essentiële sleutel tot het begrijpen van het kwaad. Zonder die kennis ben je niet in staat om veel gebeurtenissen in de geschiedenis te begrijpen en wat je tegenwoordig op de wereld ziet.

Alleen gevallen wezens die geen verwantschap voelen met menselijke wezens, kunnen de Holocaust in het leven roepen, de massamoorden door Stalin en Mao Zedong en ook heel veel andere gruweldaden. Alleen gevallen wezens kunnen de gruweldaden op de lange termijn in het leven hebben geroepen, zoals oorlogen, armoede, ziekten, ongelijkheid en vele andere. Ze worden vaak gezien als onvermijdelijk, maar ze zijn door gevallen wezens geschapen om ons te kunnen beheersen of vernietigen.

Waarom heb je hier nooit van gehoord?
Het bestaan van gevallen wezens is juist de sleutel om het kwaad op aarde te begrijpen, dus waarom heb je hier dan nog nooit iets van gehoord? Omdat de gevallen wezens alles wat in hun macht lag, hebben gedaan om de volgende feiten te verdonkeremanen:

• Er bestaat een wereld naast de materiële wereld en die is heel complex en heel oud.
• Er zijn wezens op aarde die niet in ons universum zijn geschapen.
• Die wezens hebben heel lang de tijd gehad om hun egoïsme te ontwikkelen en daarom hebben zij geen scrupules om menselijke wezens te doden of te martelen.
• Wij hebben allemaal vele levens geleefd voor dit leven, wat inhoudt dat wij allemaal complexe wezens zijn.
• Wij hebben allemaal het potentieel om ons egoïsme te ontwikkelen en gevallen wezens te worden of ons zo te ontwikkelen dat wij ons één voelen met alles en geascendeerde meesters worden.
• Er zijn van zichzelf bewuste wezens in een hoger rijk die onze wereld hebben geschapen en die ons hebben geschapen als verlengstuk van henzelf.
• Deze geascendeerde meesters willen ons heel graag helpen om ons bewustzijn te verhogen en de gevallen wezens van de aarde te verwijderen.
• Wij hebben niet de macht om die gevallen wezens zelf te verwijderen. De geascendeerde meesters hebben de macht om dat te doen, maar zij hebben het gezag niet, omdat zij niet zijn geïncarneerd.
• Wij, degenen die zijn geïncarneerd, hebben het gezag om de gevallen wezens te laten verwijderen, maar wij moeten dat gezag geven aan de geascendeerde meesters opdat zij hun macht kunnen benutten.
• De gevallen wezens zullen er alles aan doen wat in hun macht ligt, zullen elke vorm van bedrog of van geweld gebruiken, om te voorkomen dat wij weten wie zij zijn en ons gezag aan de geascendeerde meesters te geven.

Dit verklaart waarom die basale feiten verborgen zijn voor de GIN van elke samenleving die er tegenwoordig op aarde bestaat. De reden dat deze feiten nu openbaar kunnen worden, is dat het bewustzijn van de mensheid als geheel zodanig is verhoogd dat de gevallen wezens dit niet meer kunnen voorkomen. Zij zullen er echter alles aan doen wat in hum macht ligt, om te voorkomen dat mensen deze informatie accepteren.

VOLGENDE PAGINA: De vier niveaus van onze wereld