De Superioriteits- en Inferioriteitsdynamiek loslaten

Geascendeerde Meester Sanat Kumara, 2 oktober 2021 – Webinar voor Korea

IK BEN de geascendeerde meester Sanat Kumara. Ik ben vol dankbaarheid gekomen, omdat jullie deze invocatie hebben opgezegd, maar ook omdat heel veel mensen door de jaren heen oproepen hebben gedaan aan mij, niet alleen in deze dispensatie, maar ook in andere. Dit heeft mij in staat gesteld om in te grijpen en veel energie, ideeën, naar de aarde te brengen die diverse mensen hebben opgepikt. Veel van hen zijn niet eens studenten van geascendeerde meesters. Een van de grote diensten die jullie als studenten van geascendeerde meesters kunnen verlenen, is dat jullie beseffen dat er voor de Gouden Eeuw een groot aantal ideeën nodig zijn die door geïncarneerde menselijke wezens kunnen worden ontvangen, die ze kunnen implementeren, uitvoeren. En vaak zijn jullie als studenten van geascendeerde meesters niet in de beste positie om een idee te ontvangen of uit te voeren.

En daarom mag je niet gehecht zijn of jij degene bent die het idee krijgt en de eer krijgt of dat dit iemand anders is. Wanneer je de visie hebt die jullie als studenten van geascendeerde meesters hebben, kun je die bereidheid cultiveren door oproepen te doen, door jullie bewustzijn te verhogen, door de leringen te bestuderen en door de visie dat degenen die een bepaald idee kunnen ontvangen, het ook zullen ontvangen, implementeren, ernaar handelen en dat een groter aantal mensen het idee zal accepteren opdat het zich ook daadwerkelijk zal verspreiden. Dit is een onderdeel van de visie die jullie handhaven. Dit hoort bij jullie dienstverlening.

Dit heeft te maken met het eerste onderwerp dat ik wil aansnijden. Hoe word je een open deur voor planeet aarde? Je moet dan iets overwinnen wat vaak het inferioriteits-superioriteitscomplex wordt genoemd. We zien en hebben gezien, in de vele decennia waarin we rechtstreeks leringen hebben gegeven, dat studenten van geascendeerde meesters twee duidelijke tendensen kunnen hebben.

Er zijn studenten die heel erg graag de leringen willen toepassen, ze willen bestuderen. Zij hebben een façade opgebouwd dat ze heel enthousiast, heel goede studenten, zijn maar dat komt vaak door een superioriteitscomplex. Zij willen graag beter zijn dan anderen, geavanceerder dan anderen en worden gedreven door de wens om zichzelf te verheffen en een bepaald superioriteitsgevoel te krijgen.

De andere tendens die we zien, is dat er veel studenten zijn en dit zijn de meeste studenten, die de leringen accepteren, de leringen bestuderen, de decreten en invocaties doen, maar niet echt accepteren dat zij zelf rechtstreeks contact met de geascendeerde meesters kunnen maken, ideeën of impulsen kunnen ontvangen van de geascendeerde meesters of dat zij iets kunnen doen wat van belang is voor de geascendeerde meesters. Zij zijn blij dat ze in een organisatie zitten, een boodschapper of goeroe volgen, doen wat hen verteld wordt, maar in gedachten niet echt geloven dat zij niet altijd volgelingen hoeven te blijven.

Je begrijpt dat er ook mensen zijn die graag de leiding willen en dat er mensen zijn die willen volgen, en helaas schept dit vaak een heel ongezonde en onevenwichtige situatie in organisaties. Ik heb het niet eens alleen over organisaties van geascendeerde meesters, maar je ziet dit bij veel organisaties overal ter wereld. Ik wil het graag hebben over een dynamiek, de inferioriteits-superioriteitsdynamiek.

In zekere zin zou je kunnen zeggen dat er geen superioriteitscomplex bestaat, alleen maar een inferioriteitscomplex. Het gaat er niet om of mensen zich superieur of inferieur voelen, omdat alle mensen in heel veel levens de gevallen wezens zijn tegengekomen op deze planeet en zo zijn gemanipuleerd dat ze zich inferieur zijn gaan voelen. Het gaat er eigenlijk ook niet om of ze zich inferieur of superieur voelen. Zij voelen zich allemaal inferieur. De vraag is alleen hoe ze daar mee omgaan. En sommige mensen doen dat door hun inferioriteit te accepteren, zichzelf tot volgelingen te maken. Anderen doen dat door hun eigen inferioriteit af te wijzen en creëren een façade van superioriteit om zich aan de buitenkant superieur te kunnen voelen, en daardoor het inferioriteitscomplex ontkennen dat ze nog steeds diep van binnen in hun psyche voelen.

Nu zijn er natuurlijk ook gevallen wezens geïncarneerd. Er zijn natuurlijk maar een klein aantal gevallen wezens die zich tot de leringen en organisaties van geascendeerde meesters aangetrokken hebben gevoeld of die daarnaartoe werden gezonden. Wanneer je naar die gevallen wezens kijkt, dan zou je zeker kunnen stellen dat zij een superioriteitscomplex hebben. Ze denken weliswaar dat ze superieur zijn, zou je zeggen, maar als je beter kijkt, dan zou je zelfs van gevallen wezens kunnen zeggen dat diep in hen ook een inferioriteitscomplex zit dat bedekt wordt door heel veel lagen ontkenning; zij voelen zich ook inferieur. En zij zijn het archetypische voorbeeld van mensen die op inferioriteit reageren door dat te bedekken, door een gevoel van superioriteit te kweken op deze wereld door gebruik te maken van de dingen op deze wereld.

Wij vragen van onze studenten natuurlijk dat ze een gevoel van evenwicht vinden. In een vorige dispensatie, de laatste dispensatie die we in het Vissentijdperk konden geven, hebben we gezien dat een tamelijk grote groep studenten zich superieur voelde. Er bestond een cultuur in die organisatie van: “Wij hebben de meest geavanceerde spirituele lering op de planeet; wij zijn de voorlopers voor de Gouden Eeuw van Saint Germain, wij zijn net als de discipelen van Jezus en daardoor zijn we duidelijk de meest superieure studenten op de planeet.”

Dit komt natuurlijk lang niet zoveel voor in deze dispensatie omdat we heel veel leringen hebben gegeven om te helpen dit te overwinnen. Maar ik wil het nu toch over het inferioriteitsgevoel hebben. Je begrijpt dat het belangrijkste punt op de agenda van de gevallen wezens is dat ze menselijke wezens, avatars, de oorspronkelijke bewoners van de aarde, in hun macht willen krijgen. Zij willen iedereen in hun macht hebben. Zoals we al vele malen hebben gezegd, is het moeilijk om dat te doen door fysieke macht, er moet dus een element van psychologische macht aan te pas komen. En het belangrijkste element van psychologische macht is het inferioriteitscomplex.

Wanneer het je lukt om mensen zich inferieur te laten voelen, wanneer je de gewone bevolking zover krijgt dat zij zich inferieur voelen aan een kleine elite, dan kun je de gewone bevolking beheersen. De elite heeft dan de macht over de gewone bevolking door dit inferioriteitsgevoel. Kijk eens terug op al die beschavingen in het verleden, overal ter wereld, die geloven dat er een elite is die speciale kwaliteiten, speciale krachten, heeft. Op een of andere manier zijn ze anders. Ze hebben blauw bloed, zij worden op een andere manier geboren, zij hebben een andere afstamming en daardoor zijn ze speciaal. Zij kunnen iets wat niemand anders kan.

Als je alleen al over de grens kijkt naar Noord-Korea, wat geloven ze daar over hun leider? Opnieuw, dat hij een speciaal persoon is met een bijzondere afstamming, een speciale geboorte, en daardoor altijd perfect is. Hij kan nooit ongelijk hebben, hij kan nooit een fout maken, enzovoort. Je ziet dat er een heel oud geloof in het elitarisme is; dat er een kleine elite bestaat die superieur is en daardoor is het overgrote deel van de bevolking inferieur.

Er is een bepaald proces om aan die inferioriteit te ontkomen. Er zijn mensen die naar het tegenovergestelde uiterste zwaaien om uit dat gevoel van inferioriteit te komen en die proberen een gevoel van superioriteit op te bouwen. Dat is in principe de reden dat wij die cultuur van superioriteit in de vorige dispensatie hebben laten voortbestaan, omdat we zagen dat er mensen waren die aan het einde van het Vissentijdperk dat gevoel van superioriteit nodig hadden, dat zij dit moesten ervaren om een evenwichtige manier terug te vinden waardoor ze zichzelf niet meer als superieur hoefden te beschouwen om die evenwichtige toestand terug te vinden, maar zich ook niet inferieur te voelen. Wij lieten hen tijdelijk dat superioriteitsgevoel behouden om die inferioriteit los te kunnen laten.

In deze dispensatie willen we graag dat jullie een evenwichtiger benadering vinden waarin jij je niet superieur hoeft te voelen, maar geleidelijk aan een gevoel van evenwicht krijgt over wie jij bent, maar wat bedoelen wij met een gevoel van evenwicht?

Dit heeft natuurlijk te maken met waar het bij Christusschap om draait. Er zijn bepaalde fases van Christusschap, zoals we vaker hebben gezegd. Er is een fase van Christusschap waarin jij begint het collectieve bewustzijn te ontstijgen. Zoals we hebben gezegd, is er een heel erg sterk collectief beest, een collectieve vortex, die mensen meesleept naar het gevoel dat ze inferieur zijn. Om het spirituele pad te kunnen bewandelen en boven het achtenveertigste bewustzijnsniveau uit te komen, moet jij je onttrekken aan neerwaartse aantrekkingskracht van het collectieve bewustzijn. Dit houdt in dat je op den duur meer dan de gemiddelde persoon weet; je hebt meer zelfdiscipline dan de gemiddelde persoon, je hebt bepaalde inzichten die de gemiddelde persoon niet heeft en dan zou je kunnen zeggen dat je een bepaalde superioriteit krijgt, als je die terminologie wilt gebruiken.

Als je van het achtenveertigste naar het zesennegentigste niveau gaat, dan bouw je een bepaald gevoel op, namelijk dat jij anders bent dan de meeste mensen. Dat hoeft niet direct superioriteit te zijn, maar voor veel studenten wordt het wel een superioriteitsgevoel. In die fase is dat acceptabel, maar om verder te komen dan het zesennegentigste bewustzijnsniveau moet je dat overwinnen. Je kunt niet boven het zesennegentigste niveau komen als je een groot superioriteitsgevoel hebt, maar ook geen groot inferioriteitsgevoel. Je moet een evenwichtiger aanpak vinden en dat doe je maar op één manier, namelijk door ervaring.

Je kunt dit niet in theorie doen. Je kunt het niet verstandelijk doen. Je kunt dit niet alleen doen met begrip. Er komt een moment dat je niet meer uit je impasse, je catch 22, kunt komen als je niet iets ervaart wat wij zo hebben beschreven: dat jouw Bewuste Jij uit je vier lagere lichamen stapt en zuiver gewaarzijn voelt. Anders kan het niet, mijn geliefden. Het is nog nooit op een intellectuele manier gedaan. Je kunt wel bepaalde dingen verstandelijk bereiken. Je kunt jezelf wel laten geloven dat je niet inferieur of superieur bent, maar je bewustzijn verandert pas als je zuiver gewaarzijn ervaart. Hoe komt dat?

Omdat zuiver gewaarzijn boven de dualiteit staat, zoals we heel vaak hebben gezegd. Er zijn geen polarisaties, er zijn geen extremen van de dualiteit. En wanneer jij zuiver gewaarzijn ervaart, dan voel je ook dat alle indelingen en polarisaties van de dualiteit gewoon wegvallen. Ze raken gewoon verouderd, irrelevant. Ze doen er voor jou niet meer toe. En wanneer je genoeg van die ervaringen hebt gehad, dan zorgt dit geleidelijk aan voor een wijziging in jouw bewustzijn en ontgroei je dat.

Wat voor zin heeft het om superieur aan mensen te zijn? Wat is de waarde ervan als je puur gewaarzijn bent? Wat maakt het uit of jij inferieur bent aan andere mensen? Hoe kan dat belangrijk zijn als jij puur gewaarzijn bent? Je voelt rechtstreeks dat er een bewustzijnsniveau is dat boven het menselijke niveau staat en waarin alle dingen die zo belangrijk zijn voor mensen totaal, volledig, onbelangrijk zijn. Ze vervagen gewoon.

Dit is een van de kenmerken van verlichting; dat je iets ziet wat Boeddha de ‘paren’ heeft genoemd, omdat er altijd twee polariteiten zijn. En je begrijpt dat het niet een kwestie is dat de ene polariteit goed is en de andere fout. Zij zijn alleen maar verouderd; totaal irrelevant, onecht. Het is geen kwestie van goed of fout, goed of slecht, maar het gaat erom wat echt of onecht is. En wanneer je zuiver gewaarzijn ervaart, dan voel je dat er een waarheid is die het menselijke bewustzijn ontstijgt, die het collectieve bewustzijn ontstijgt en meer is dan jouw eigen huidige bewustzijnsniveau. En dat de waarheid die jij ervaart, reëler is dan je gewone bewustzijnsstaat.

Dit is het enige wat je uit je superioriteit of inferioriteit zal halen. Wanneer je deze ervaring krijgt, en die een aantal keren meemaakt, dan besef je dat het er niet toe doet of je superieur aan anderen bent of dat je inferieur aan anderen bent. Het is gewoon niet meer belangrijk voor jou. Het is zelfs niet meer belangrijk om jezelf op een weegschaal te leggen en beoordelen wie er superieur is of wie er inferieur is. Ik zeg niet dat dit in één heerlijke openbaring gebeurt. Dit is iets wat geleidelijk aan gebeurt. Veel van jullie zijn hier al mee begonnen, iedereen heeft daar de mogelijkheid toe en als je begrijpt dat alle mensen uit dezelfde bron voortkomen, er niemand inferieur of superieur kan zijn.

Die concepten, die indelingen, die polarisaties zijn gewoon niet van belang. Zij zijn alleen belangrijk voor een bepaald bewustzijnsniveau, maar wanneer jij jezelf als zuiver gewaarzijn ervaart, dan wordt het dualiteitsbewustzijn irrelevant. Wanneer het dualiteitsbewustzijn irrelevant wordt, dan worden alle indelingen in het dualiteitsbewustzijn net zo irrelevant. Wat doet het ertoe? Kijk eens naar al die scenario’s, al die culturen, die de mensen door de eeuwen heen in het leven hebben geroepen.

Ga terug, lees de geschiedenisboeken erop na, lees wat ze in vroegere beschavingen van duizenden jaren geleden, geloofden over hun leiders, dat hun leiders op een of andere manier superieur waren aan de bevolking. Je vindt dat overal, in iedere natie, in ieder werelddeel. En kijk dan eens naar deze beschaving die vijfduizend jaar geleden een grote en bloeiende beschaving was. Is dat tegenwoordig nog relevant voor de mensen? Maken zij zich daar druk over? Misschien in een paar gevallen, maar in veel gevallen niet. Het Romeinse Rijk, wat kan iemand dat tegenwoordig nog schelen? De Inca’s, de Azteken, een paar beschavingen in Aziatisch China, in Aziatisch Korea, in Aziatisch Japan? Wie kan het wat schelen? Wat doet het ertoe?

Kunnen jullie niet begrijpen dat je wat er met grote keizerrijken is gebeurd, niet op de toekomst kunt projecteren? Zoals we hebben gezegd, wanneer je de tendensen uit het verleden begrijpt, kun je ze op de toekomst projecteren; kunnen jullie niet kunt begrijpen dat over duizend, tweeduizend jaar of vijfduizend jaar jullie beschaving niet zo onbelangrijk is voor de mensen in die tijd? Dit betekent dat er dan studenten van geascendeerde meesters naar jullie beschaving, cultuur, kunnen kijken en die dan zeggen: “Wat kan mij dat schelen? Wat kan mij dat schelen? Wat heb ik eraan? Ik volg Jezus naar het Christusbewustzijn.”

Als je naar jullie cultuur, jullie samenleving, jullie beschaving, kijkt dan zie je dat er zelfs in democratische naties een heel subtiel systeem van overtuigingen bestaat dat er mensen zijn die nog steeds superieur zijn en dat de meerderheid inferieur is. Er zijn mensen die slimmer zijn. Er zijn mensen die betere eigenschappen hebben om grote corporaties te leiden, of te regeren, en dergelijke. Er bestaat een heel subtiele cultuur over inferioriteit en superioriteit. Weet wat je plaats is en accepteer die plaats in de samenleving. Dit bestaat in iedere natie. Zelfs in de meeste moderne democratieën is daar een versie van. Vaak onuitgesproken, omdat de democratische naties de façade willen opbouwen dat iedereen gelijk is en dat dus niet willen toegeven. Maar het is er wel. Je ziet dat het in iedere cultuur overal ter wereld is geprogrammeerd; je bent geprogrammeerd met dit gevoel van inferioriteit vergeleken met de leiders.

Hoe word je een open deur voor planeet aarde? Jullie moeten hiernaar kijken. Jullie moeten dat overwinnen, want anders zouden jullie misschien weleens het hele subtiele, onderbewuste, niet herkende gevoel kunnen krijgen: “O, Ik kom uit een gewone familie. Ik ben heel gewoon. Ik was niet erg knap op school. Hoe kan ik een idee van Saint Germain ontvangen dat de Gouden Eeuw zal brengen? Hoe zou ik de moeite waard kunnen zijn? Ik blijf hier mooi zitten en zeg mijn decreten en invocaties op, maar ik zal er niet eens over nadenken of ik een bepaald idee zou kunnen ontvangen.”

De andere polariteit is de overenthousiaste studenten die denken dat zij degenen zijn die ideeën moeten ontvangen, dat zij het waard zijn om ze te ontvangen. Zij zijn altijd bezig zich te concentreren op het ontvangen van een idee dat hen roem en eer zal geven en dat er naar hen zal worden opgekeken. En allebei, of jij je nu als inferieur of superieur beschouwt, juist het gevoel dat je superieur of inferieur bent, juist dit waardeoordeel dat je over jezelf hebt, sluit jouw deur. Dat verhindert je om de open deur te zijn.

Wat hebben we al heel vaak gezegd? Wat heeft de boodschapper al heel vaak gezegd? Hoe ontvang je een dictaat van de geascendeerde meesters? Je moet in een neutrale gemoedstoestand zijn. Dit klinkt allemaal mooi, maar er zijn maar relatief weinig mensen die beginnen te begrijpen wat het betekent om in een neutrale gemoedstoestand te zijn. Jullie hebben allemaal het potentieel om dat te cultiveren, geleidelijk aan dit vermogen te cultiveren om verder te kijken, niet alleen verder dan inferioriteit en superioriteit, maar zelfs de bevoordeelde mening die jullie hebben over hoe iets moet gebeuren, kan gebeuren, niet kan gebeuren, maar door gewoon neutraal te blijven en een idee te ontvangen.

Je ziet bijvoorbeeld heel vaak in de wetenschap dat een wetenschapper een bepaald probleem op zijn terrein bestudeert. Hij werkt er heel fanatiek aan en richt al zijn aandacht erop. Hij weet dat hij iets niet kan begrijpen, maar hij kan er niet bij. Zijn gedachten komen er niet bij. Dan neemt hij een pauze, gaat ergens heen, doet iets heel anders en dan ineens schiet hem het idee te binnen en beschouwt hij het als een innerlijke ervaring.

Dit is zo bij iedereen. Je moet erkennen dat een idee ontvangen een uitwisseling moet zijn. Eerst je aandacht erop richten. Je bestudeert het onderwerp. Je denkt erover na. Je concentreert je aandacht erop, maar er komt een moment waarop je het gewoon los moet laten. En dan is er ruimte, er is een opening waardoor het idee kan binnenkomen. Begrijp je hoe dat komt? Omdat een wetenschapper, wanneer hij een bepaald onderwerp bestudeert, bijvoorbeeld een theorie heeft over wat er zou moeten gebeuren, wat dit experiment moet aantonen, wat de nieuwe doorbraak moet worden. Wat sluit zijn gedachten af? Dat is zijn bevooroordeelde mening. Hij staat niet open. Hij is niet neutraal. Hij wil een bepaald resultaat.

Begrijpen jullie ook dat dit ook te maken heeft met jullie als studenten van geascendeerde meesters? Als je laag uit superioriteit bestaat, dan wil je een bepaald resultaat behalen. Als je laag uit inferioriteit bestaat, dan wil je ook dat er geen bepaald resultaat komt. Maar je bent bevooroordeeld. Wat heeft Jezus vele jaren geleden gezegd? “Ik zelf kan niets.” Dit is nog een manier om af te rekenen met het inferioriteits-superioriteitscomplex als student van geascendeerde meesters. Wat hebben wij jullie geleerd?

We hebben jullie geleerd dat jullie vier lagere lichamen hebben. Wij hebben jullie geleerd dat er in die vier lagere lichamen niet alleen gescheiden zelven zijn, maar dat er ook heel erg veel overtuigingen en ideeën bestaan; patronen die je door veel levens heen hebt gemaakt over hoe je met de aarde omgaat, de omgeving waarin je bent geïncarneerd. Dat is prima. Ik probeer niet te zeggen dat dit allemaal fout is. Ik wijs er alleen maar op dat je een apparaat in je vier lagere lichamen hebt dat je een bepaald beeld van jezelf geeft, over wie jij bent, hoe de planeet is en hoe je met die planeet en andere mensen kunt omgaan. En dat dit een soort laag vormt. Wij hebben dat een waarnemingsfilter genoemd.

Dit is echter niet wie jij eigenlijk bent, zoals we jullie al heel vaak hebben proberen te vertellen. Het is iets wat je hebt gedaan met betrekking tot de aarde, met betrekking tot het geïncarneerd zijn op aarde. De waarde van de leringen over de Bewuste Jij is alleen maar dat er een deel van jou, noem het zoals je wilt, maar dat er een deel van jou is dat uit je vier lagere lichamen kan stappen, uit je gewone gedachten en persoonlijkheid. Juist deze lering vind je terug in iedere mysterieuze leer die er op aarde is. Er zijn meerdere namen voor en dat deel hoeft niet Bewuste Jij te heten, maar in iedere mystieke leer bestaat en concept dat een deel van jou uit de normale ‘jij’, jouw persoonlijkheid, jouw individualiteit, hoe je het ook maar wilt noemen, kan stappen.

Wanneer je dat ervaart, dat er meer bestaat dan je gedachten, dan kun je begrijpen dat je gedachten vele dingen kunnen. Beter: je kunt veel dingen doen met je gedachten, maar je kunt dan ook beginnen te begrijpen dat daar ook beperkingen aan zitten. Wanneer je iets met je gedachten doet, dan kun je vaak consequenties scheppen die je eigenlijk niet wilt. En wat Jezus heeft proberen uit te leggen, wat de Boeddha heeft proberen uit te leggen, wat veel andere spirituele leraren hebben proberen uit te leggen is dat er een punt op het spirituele pad komt waarop jij je begint af te scheiden van identificatie met je wereldlijke persoonlijkheid.

Je richt je aandacht naar binnen. Je richt je aandacht op de kern van je wezen, jouw IK BEN Aanwezigheid. Er zijn twee manieren waarop je als menselijk wezen kunt handelen: via je persoonlijkheid op de wereld of je kunt eruit stappen en de IK BEN Aanwezigheid door jou heen laten handelen. Jezus heeft gezegd dat de vader in mij, mijn IK BEN Aanwezigheid, al het werk doet. Dit zijn de keuzes die je in principe hebt. De meeste mensen hebben die keuze niet omdat zij niet iets afweten over, of de band die ze hebben met, hun IK BEN Aanwezigheid. Maar als student van geascendeerde meesters heb je steeds meer keuze als je hoger op het pad komt. Handel je door je wereldlijke persoonlijkheid? Stap je opzij en laat je de IK BEN Aanwezigheid door jou heen handelen?

Dan zeg je misschien dat er nu een enigma is en dat er een moment komt waarop je die leringen begint te bevatten, of het nu de ene mystieke lering is of een andere. Laten we bespreken hoe wij dat hebben geprobeerd duidelijk te maken in deze dispensatie. Je begint te begrijpen dat er een kern is: de Bewuste Jij. Je bent begonnen zuiver gewaarzijn te ervaren en je bent begonnen te ervaren dat jij afstand kunt nemen van je wereldlijke persoonlijkheid en niet handelen door je uiterlijke persoonlijkheid. Je reageert niet, bij wijze van spreken, omdat jouw uiterlijke persoonlijkheid eigenlijk niet kan handelen maar alleen maar kan reageren. Je zou kunnen zeggen dat je in principe de keuze hebt of je zult handelen door jouw persoonlijkheid of dat je jouw IK BEN Aanwezigheid door jou heen laat handelen. De reden dat jouw uiterlijke persoonlijkheid alleen maar kan reageren is dat het werd geschapen als reactie op de omstandigheden die je op aarde hebt aangetroffen. Die werd in het leven geroepen als reactie en daarom doet hij niets anders dan reageren. Dit is de lering over de gescheiden zelven die als een computer worden geprogrammeerd. Wanneer ze worden getriggerd, reageren ze elke keer op een specifieke manier.

Op een bepaald moment raak je daardoor echter in de war en dan volgt er een bepaalde fase waarin je bereid moet zijn om door die magnifieke verwarring heen te gaan die verwarring is; Wie is die ‘ik’ dan? Er komt een periode, en de meeste mensen zitten daar nog in, waarin ze zich volledig identificeren met de wereldlijke persoonlijkheid. Wanneer je ‘ik’ zegt, dan is dit de uiterlijke persoonlijkheid. Dan komt er een periode waarin jij je begint te realiteit dat er meer bij jou komt kijken dan de wereldlijke persoonlijkheid. Maar wie ben ‘ik’ dan?

Ben ‘ik’ de IK BEN Aanwezigheid? Nee, want de IK BEN Aanwezigheid is in het spirituele rijk. Ben ‘ik’ de Bewuste Jij? Wat is de Bewuste Jij? Wij hebben gezegd dat hij zuiver gewaarzijn is. Wij hebben hem bijna afgeschilderd als niets. Het is een bepaald punt. Wat is het? Wie ben ‘ik’ nu? En mijn geliefden, dat is een noodzakelijke fase. Je moet bereid zijn om door die verwarring heen te gaan. iedereen die geïncarneerd is geweest en is geascendeerd, moest door die verwarring heen. Soms duurt dat jaren, zelfs decennia.

Wie ben ik wanneer ik zeg ‘ik’? Ik weet dat ik niet de uiterlijke persoonlijkheid ben, maar wie of wat ben ik? En wij kunnen geen lering geven waarin je dat ogenblikkelijk op kunt lossen. Jij moet eigenlijk op het punt komen waarop die vraag niet meer relevant is. Het maakt niet uit wie ik ben. Ik ben wie ik ben. Van moment tot moment ben ik gewoon wie ik ben. Het ene moment kan ik zus doen; het andere moment kan ik zo doen. Maar wat ik ook ben, ik ben. Je hoeft niet te analyseren, niet te reflecteren, je hoeft niet het idee te hebben dat je altijd hetzelfde moet zijn.

Dit is het laatste element dat ik jullie in deze verhandeling wil geven. Ik weet dat ik jullie een aantal heel subtiele, complexe, concepten heb gegeven. Maar veel van jullie zijn daarover al begonnen na te denken. Het laatste element is dat er ook barrières in het collectieve bewustzijn zijn wanneer je naar de wereld kijkt, zoals we hebben gezegd in vorige verhandelingen. Er zijn vortexen, er zijn maalstromen, in het collectieve bewustzijn die jou proberen naar binnen te zuigen, maar er zijn ook barrières voor wat mensen kun zien en denken. Een van die barrières, die heel subtiele, gevaarlijke, sluipende, verlammende barrières is het idee dat je altijd een reden moet hebben om te doen wat je doet en dat je altijd consequent moet zijn in wat je doet.

Met andere woorden, je besluit om op een bepaalde manier te reageren. Je zou in staat moeten zijn om een rationele, rechtlijnige, logische verklaring te hebben waarom je zo doet. En als je dat eenmaal in een situatie hebt gedaan, dan moet je in soortgelijke situaties ook zo handelen. Dit vraagt je cultuur van jou. Dit eist de samenleving van jou. Dit zullen de mensen om jou heen van jouw eisen. Zij eisen dat je daar een reden voor hebt. Zij eisen dat je consequent bent.

Uiteindelijk zitten hier de gevallen wezens achter die jou in hun macht willen krijgen. Die zeggen dat jij altijd een rationele verklaring moet hebben voor waarom je iets doet. Maar wat betekent dat echt? Dat je een verklaring moet hebben die op aarde wordt geaccepteerd in jouw specifieke samenleving en cultuur. En als die specifieke samenleving en cultuur wordt beïnvloed door de gevallen wezens, dan kun je alleen maar handelen op manieren die acceptabel zijn volgens hun maatstaf en definitie. En als je dit één keer hebt gedaan, dan moet je de rest van je leven in dat spoor blijven lopen en altijd hetzelfde doen.

Mijn geliefden, wat heb ik over de Heilige Geest in de Bijbel gezegd? De Heilige Geest waait waarheen hij wil. Wat betekent dat? Betekent dit dat de Heilige Geest geen regels opvolgt? Nu, we kunnen erover discussiëren of de Heilige Geest naar regels luistert, maar we kunnen wel met zekerheid zeggen dat de Heilige Geest geen regels opvolgt die door mensen zijn gemaakt. Hij luistert niet naar de regels die de gevallen wezens hebben gesteld.

De gevallen wezens willen de Geest buitensluiten, zodat hij niet kan stromen. Dit is hun belangrijkste doel. De belangrijkste bedreiging voor hen is dat iemand het bewustzijnsniveau bereikt waarop iets uit het spirituele rijk door hen heen kan stromen. Dat is hun grootste bedreiging. Dat willen ze stoppen met alle middelen die ze hebben. Wij willen alles voorspelbaar maken, onder controle hebben maar dit heeft natuurlijk geen enkele invloed op de Geest.

Dit is een van de grootste doorbraken die je kunt krijgen op het spirituele pad, het pad naar Christusschap, omdat je het dan niet alleen verstandelijk begrijpt, maar je ziet het ook. Je ziet dat de Geest totaal onafhankelijk is, niet wordt beïnvloed door de theorieën en overtuigingen van menselijke wezens op aarde, en trouwens ook gevallen wezens. Geen van die overtuigingen op aarde hebben invloed op de Geest. Als je hier een visuele illustratie van wilt, neem dan een hamer, de grootste hamer die je kunt optillen, ga dan op een dag naar het strand en sla dan zo hard als je kunt op de oceaan. Natuurlijk zal die opspatten, maar wat doet de oceaan na een paar seconden? Die wordt weer kalm. Dit is een soort illustratie van de Geest, hoe groot de hamer ook is op aarde, je kunt de Geest niet eens nat spatten. Die blijft totaal onaangetast door iets wat mensen doen.

De gevallen wezens hebben een heel erg oude overtuiging en veel mensen hebben die overgenomen; zij denken dat iets wat zij op aarde doen het spirituele rijk kan beïnvloeden. Het zal de engelen beïnvloeden, het zal God beïnvloeden. De gevallen wezens willen geloven dat zij de mening van God over hen kunnen laten veranderen en dat hij hen de leiding zal geven over zijn schepping. Veel mensen willen geloven dat God speciale aandacht aan hen schenkt en hen gunsten verleent. Het is irreëel, mijn geliefden. Het is allemaal niet reëel. Wij hebben dit al meer gezegd. Wij zijn geascendeerde meesters. Wij zijn geen wensen vervullende god. Wij zijn hier om jullie te helpen om je te bevrijden van het menselijke bewustzijn, niet om jullie gunsten te verlenen die het menselijke bewustzijn belangrijk vindt.

De Geest wordt niet beïnvloed door menselijke overtuigingen en meningen. Wat betekent dat? Hoe word je een open deur voor de Geest? Door in de hoogste mogelijke mate je geest te bevrijden van al die regels die de mensen hebben gesteld. Dat noemen we een neutrale gemoedstoestand krijgen. Er zijn ook veel andere namen voor in mystieke leringen; luisterende genade, luisterend zuiver bewustzijn, puur gewaarzijn. En nog veel andere dingen, maar de naam is niet belangrijk. Het is belangrijk om die gemoedstoestand te cultiveren, in die neutrale toestand te komen en je alleen open te stellen voor de Geest.

Nu zijn er natuurlijk mensen die dit niet kunnen omdat hun gedachten openstaan voor het astrale vlak of het mentale vlak. Maar jullie als studenten van geascendeerde meesters die onze decreten doen voor bescherming, oproepen doen aan Astrea, die onze invocaties opzeggen, die eraan werken om hun psychologische problemen op te ruimen, kunnen daar profijt van hebben, de meesten van jullie in ieder geval, wanneer je bepaalde problemen in je psyche hebt opgelost, omdat je dan niet aan die lagere krachten vastzit; jullie kunnen er profijt van hebben als je de tijd neemt om even gemakkelijk te gaan zitten of gewoon even te gaan liggen en alleen maar in die neutrale gemoedstoestand te komen. Ik weet dat ik zeg ‘alleen maar in die neutrale gemoedstoestand te komen’, maar in werkelijkheid is dit een van de moeilijkste dingen die je kunt doen vanwege de grote druk door jullie gedachten die je uit die neutraliteit willen halen. Maar toch, je kunt in ieder geval met dat proces beginnen.

Je kunt wat tijd opzijzetten. En een van de manieren om dat te doen, is de novene te doen, zoals we hebben besproken. We hebben een novene aan de Grote Goddelijke Leider waarin je een decreet negen keer of veertien keer opzegt. Er zijn twee decreten aan de Goddelijke Leider en je kunt voor een van die twee kiezen. Daarna ga je met papier en pen zitten en schrijf je op wat je te binnen schiet. Je kunt ook een novene aan mij doen, het decreet aan mij negen keer opzeggen en dan zonder oordeel op te schrijven, zonder bevooroordeelde mening, wat je te binnen schiet.

Maar het hoeft niet eens zo formeel. Je kunt ook gewoon gaan luisteren. Je hoeft niets op te schrijven, maar soms kan schrijven je helpen om je gedachten te neutraliseren. Maar als je dat kunt, neem dan in een neutrale gemoedstoestand aan. Het kan nuttig zijn om te gaan liggen of je ogen te sluiten, en te luisteren naar je gedachten. In veel vormen van meditatie moet je aandacht aan je adem schenken en als dat ook helpt, is dat prima, maar let op je gedachten. En wanneer er een gedachte bij je opkomt, dan zeg je in gedachten: “Ik geef hem op. Ik geef hem op.” Je hoeft niet te denken. “Ik hoef hier niet over na te denken. Ik hoef niets op te lossen. Ik hoef hem alleen maar op te geven. Ik laat hem los. Ik geef hem op. Ik geef hem op.” Dit kun je.

De boodschapper heeft dit heel vaak in zijn leven gedaan en doet het nog steeds. Je kunt dat regelmatig doen, een paar minuten, of zelfs langer, wat je zelf wilt. Maar je geeft gewoon op. Je hebt geen idee wat er wel of niet moet gebeuren. Je geeft het alleen maar over. Je wordt neutraal. Je hebt niet het idee dat er een geascendeerde meester aan jou moet verschijnen of dat hij jou een geweldig idee geeft. Je bent niet bevooroordeeld over wat er wel of niet moet gebeuren. Let op wat ik zei: wat er wel of niet moet gebeuren. Je hebt niet het idee dat iets mag gebeuren, of dat je het niet waard bent om een idee te ontvangen, maar je hoeft ook niet het idee te hebben dat je iets wel wilt.

Als jij je innerlijke luisteren kunt cultiveren, dan zul je misschien merken, zoals we hebben gezegd, dat je in het begin een paar inzichten krijgt in wat je moet oplossen bij jezelf. En als je bereid bent om dat te doen dan zul je na een poosje beginnen te veranderen en andere ideeën krijgen over wat je kunt doen. Wat je in je leven kunt doen, wat je voor de geascendeerde meesters kunt doen, wat je voor Saint Germain kunt doen.

En hoe kun je met je huidige gemoedstoestand weten hoe ver dit kan gaan? Je begrijpt dat je nu op dit moment naar dit dictaat luistert of het leest. Op dit moment zit je op een bepaald bewustzijnsniveau, een van de honderdvierenveertig bewustzijnsniveaus die er mogelijk zijn. Wat het niveau ook is, je begrijpt dat je geleidelijk aan je bewustzijn zult verhogen als je het spirituele pad blijft bewandelen en de leringen toepast die we hebben gegeven. Wat hebben we tegen jullie gezegd? Wanneer je op het honderdvierenveertigste begint en naar beneden gaat, dan ga je één illusie op het honderddrieënveertigste niveau geloven. En dat blijf je doen totdat je op je huidige bewustzijnsniveau komt. Dat betekent dat er als je op het tachtigste niveau bent nog een flink aantal illusies zijn die voorkomen dat je helder ziet.

Je moet toegeven dat je op je huidige bewustzijnsniveau onmogelijk kunt zien hoe het is als je tien, twintig, dertig niveaus hoger bent dan nu. Je moet met je bewuste kunnen begrijpen en accepteren dat je hogerop komt en op een bepaalde dag twintig niveaus hoger zult zijn dan nu als je op het pad blijft.

Wat is nu voor jou belangrijk? Dat je niet je gedachten laat beïnvloeden door krachten die aan je gedachten trekken; die je laten geloven dat er beperkingen zitten aan wat jij kunt. Het is heel erg belangrijk dat je op je huidige bewustzijnsniveau begrijpt dat je een bepaald idee hebt. En op dit niveau zijn er inderdaad dingen die je niet kunt. Het is echter heel erg belangrijk dat je beseft dat jouw huidige idee je niet meer zal beperken als je jouw bewustzijn verhoogt. En dat je daarom niet in gedachten kunt beslissen: “O, dat zal ik nooit kunnen.” Heel veel mensen hebben door de eeuwen heen naar Jezus gekeken, bijvoorbeeld naar het hele verhaal van zijn wonderen. En zij hebben gezegd: “Ik kan nooit over water lopen.” Het is in deze tijd niet zo relevant meer of je over water kunt lopen en daarom vraag ik niet dat je het idee cultiveert dat je op een dag over water moet kunnen lopen en dat je mislukt bent als je niet over water kunt lopen. Gooi dat idee overboord. Je kunt Christusschap op heel veel andere manieren uiten. Het is heel belangrijk dat je niet naar Jezus, de afgoderij, de cultus van afgoderij die er rondom hem en de Boeddha is opgebouwd, luister en in gedachten besluit: “O, ik kan onmogelijk iets doen wat Jezus of de Boeddha konden.” Het is eigenlijk heel belangrijk dat jij je niet met hen vergelijkt en denkt dat je in staat moet zijn om te doen wat zij hebben gedaan als jij Christusschap of Boeddhaschap bereikt.

Hoe kun jij op het huidige bewustzijnsniveau weten wat de Geest door jou heen wil doen wanneer je twintig niveaus verder bent? Hoe kun je dat begrijpen? De waarheid is dat dit onmogelijk is, omdat jij bepaalde illusies nog niet hebt losgelaten. Maar het is wel mogelijk voor mensen, en er zijn mensen die dat steeds doen, om in gedachten het besluit te nemen: “O, dat is iets wat ik onmogelijk kan, ik zou dat nooit kunnen.” Dat moet je nooit zeggen, omdat je door zo’n beslissing te nemen, eigenlijk kunt inperken wat je gedachten kunnen accepteren. En dit betekent dat er een situatie kan komen waarin je twintig niveaus bent gestegen op je pad en de Geest in staat is om iets door jou te doen wat eerst niet kon maar nu wel, maar dat jouw gedachten dit niet kunnen accepteren. Jouw gedachten kunnen niet accepteren wat je hebt bereikt en daarom blokkeert dit de Geest om door jou heen te werken.

De boodschapper had dit kunnen zeggen, toen hij bij de Summit Lighthouse zat te luisteren naar honderden dictaten die Elizabeth Claire Prophet gaf, waaronder een paar heel hoge dictaten, heel krachtige dictaten. Hij had kunnen zeggen: “O, dat kan ik nooit doen.” Als je naar die dictaten kijkt, dan zie je dat die heel anders zijn dan de dictaten die de boodschapper geeft. Enkelen zouden zeggen dat ze hoger zijn, anderen zouden zeggen krachtiger, maar is die vergelijking van belang? Het was niet de bedoeling dat deze boodschapper hetzelfde zou doen als Elizabeth Claire Prophet. Hij moest de Heilige Geest door hem heen laten werken op de manier waarop de Geest door hem heen wilde werken.

Het heeft geen zin om te vergelijken wat de Geest door één iemand wil doen met wat hij door een ander wil doen. De Geest waait waarheen hij wil. Het heeft geen zin om jezelf met Jezus, met de Boeddha, met een spirituele leraar, of zelfs deze boodschapper, te vergelijken. Het heeft geen zin om vergelijkingen te maken. Je weet niet wat de Geest door jou heen wil doen; besluit dus niet wat de Geest zou moeten doen, of juist niet zou moeten doen. Het is een van de manieren waarop de mensen de Geest meestal beperken om te doen wat hij door hen heen wil doen.

Wees bereid om dit dictaat, de andere dictaten van deze conferentie te bekijken en na te gaan: “Hoe perk ik de Geest in?” De boodschapper kwam een groot aantal jaren geleden ook tot deze conclusie. Hij kon zich afstemmen en die gedachte te ontvangen waardoor hij begon te kijken: “Hoe perk ik de Geest in? Op wat voor manier perk ik de Geest in door de manier waarop ik wil dat de Geest door mij heen stroomt?” En toen hij daar over nadacht, bleek dit een van de belangrijkste factoren die hem in de gemoedstoestand bracht waardoor Jezus hem kon beginnen te trainen voor zijn specifieke missie. Jouw missie zal anders zijn, maar het is belangrijk dat je kijkt naar de beperkingen die jij de Geest oplegt, hoe jij probeert de Geest in bepaalde richtingen te laten stromen en bepaalde resultaten te laten behalen die jouw gedachten graag willen behalen.

Voor deze boodschapper met Jezus begon te trainen, kreeg hij een openbaring, kwam hij tot het besef dat zijn pogingen op het spirituele pad heel erg door zijn ego werden gedreven. Hij wilde graag een goede student zijn, een geavanceerde student lijken. Heel veel dingen die hij heeft gedaan, gebeurden op die manier. Zoals we hebben gezegd, moet jij je tussen het achtenveertigste en zesennegentigste niveau boven het collectieve bewustzijn verheffen. Veel van jullie zullen soortgelijke gevoelens hebben en in staat zijn om te begrijpen dat jij als je dat wilt, in staat zult zijn om te doen wat de boodschapper heeft gedaan. Geef het gewoon op, laat het los en kom tot het besef: “Er is niets wat ik wil op deze planeet.”

En wanneer ‘ik’, de wereldlijke persoonlijkheid, niets op deze planeet wil doen, dan kan de Geest zeggen: “Mag ik dan iets door jou doen?” Je hoeft niet alles, elke menselijke wens, op te geven maar er moet een opening voor de Geest zijn waardoor hij door jou heen kan werken op manieren die jij niet kunt voorspellen, die je niet probeert te beheersen.

Mijn geliefden, de gevallen wezens proberen de Geest te beheersen. Jij, als student van geascendeerde meesters, wilt echt niet hetzelfde proberen te doen. De Heilige Geest waait waarheen hij wil. Dat betekent dat jij bereid moet zijn om de Heilige Geest door jou heen te laten waaien op manieren die jij niet kunt voorspellen, die jij niet kunt beheersen. Als jij de stroom van de Geest van tevoren wilt beheersen, dan moet de Geest een stap terug doen en wachten tot je daarvoor openstaat. Dat kan niet anders, mijn geliefden, omdat de Heilige Geest je vrije wil niet wil schenden. En dan zeg je misschien: “Wist de boodschapper dan niet wat hij vandaag doet toen hij in 2002 of 2001 begon? Wist hij niet wat er zou gaan gebeuren?” Nee, hoe kon hij dan vrij een keuze maken? Hij had de keus gemaakt om zijn menselijke verlangens en ambities opzij te zetten en zich open te stellen voor de Geest en te zeggen: “Hoe het ook komt, jij mag door mij heen stromen.” En dat is ook een vrije keuze.

Jouw gedachten willen alleen maar de uitkomst beheersen, willen de uitkomst weten. Ze willen van tevoren weten wat de uitkomst zal worden, ze willen een garantie hebben. Er is geen garantie. De duivel zal je een contract aanbieden. De Geest niet. Stel jij je daar nu voor open? Dan zal de Geest weer door jou heen stromen, hoe groot die opening ook is. Als jij je morgen niet openstelt, dan zal de geest morgen niet door jou heen stromen. Als jij je over tien jaar openstelt, dan zal de Geest dan weer door jou heen stromen, hoe groot die opening ook is. Er is geen contract, geen verplichting, geen keurslijf. Heel veel mensen denken dat jij een keurslijf aan moet trekken als jij je openstelt voor de geascendeerde meesters. Vanaf dat moment moet je alles goed doen. Wat hebben we gezegd? De vraag is alleen of er een opening is, is er een open deur? Dan kan en zal de Geest daar doorheen stromen. Vaak is het niet een kwestie van iets moeten doen, maar juist niet doen.

De paradox is natuurlijk dat de meeste mensen aan het spirituele pad beginnen als ze heel veel vervormde energie hun emotionele en mentale lichaam hebben; heel veel illusies, waardoor ze een grote schoonmaak moeten houden, en dan is er dus een periode dat je wel iets moet doen. Je moet de decreten en invocaties opzeggen om die energie op te ruimen. Je moet aan je gescheiden zelven en je illusies werken. Je moet de leringen bestuderen. Je moet een tijdlang een poging doen om de restanten op te ruimen die in je vier lagere lichamen zitten die je gedachten afsluiten, omdat dit ook een van de manieren is om je gedachten af te sluiten. Maar als je dat gedaan hebt, dan gaat het niet meer over dingen doen, het is dan een kwestie van iets niet doen.

“Niets doen, niets ongedaan maken” is een concept in het boeddhisme waar je eens over na zou kunnen denken. “Niets doen, niets ongedaan maken” Er zijn mensen onder jullie die al nadenken over dit enigma, anderen nog niet, dus die kunnen dat negeren. Er komt echter een moment waarop jij niet de doener bent, maar ook begrijpt dat er dingen zijn die je moet doen in de praktisch van het leven en die doe je gewoon, en daarna richt jij je weer op spirituele activiteiten. Je staat wel enigszins open, je luistert altijd, er is altijd een opening in jouw gedachten. Je richt je misschien op praktische zaken in je leven. Toch kun je soms tijdens een dagelijkse activiteit een bepaald inzicht, een impuls, ontvangen.

Zover proberen we jou te krijgen, dat je die luisterende genade hebt, zouden we kunnen zeggen, die innerlijke openheid voor de Geest, de IK BEN Aanwezigheid, de geascendeerde meesters. En wie kan zeggen wat de Geest door jou heen kan doen? Zeker niet een menselijk wezen. Wat bedoel ik wanneer ik zeg dat een menselijk wezen dat niet kan. Wat zijn jouw vier lagere lichamen, jouw wereldlijke persoonlijkheid? Een menselijk wezen, dus jouw uiterlijke persoonlijkheid kan jou niet vertellen wat de Geest wel of niet door jou kan doen.

Ik heb jullie nu gegeven wat ik wilde zeggen. Ik realiseer me dat het een heel erg esoterisch of mystiek dictaat is geworden, zouden we kunnen zeggen, waar je veel over moet nadenken. Bij sommigen zal het geen weerklank vinden, omdat jullie nog niet op het niveau zijn waarop jullie het nodig hebben, maar voor anderen zal het precies zijn wat ze nodig hebben om op een hoger niveau van het pad te komen. Ik laat het helemaal aan jullie over wat jullie ermee doen, maar zoals ik heb gezegd, als je een poging doet om je op mijn Wezen, mijn Aanwezigheid, af te stemmen dan zal ik doen wat ik kan om je de inzichten te geven die je nodig hebt om een hoger niveau van dienstbaarheid en afstemming te krijgen. Hiermee verzegel ik jullie in de vrolijke vlam die ik ben.